DEN HAAG - Voetbalsupporters die zich tijdens wedstrijden misdragen moeten liefst ter plekke door het Openbaar Ministerie en de rechter worden aangepakt. "Lik op stuk in een zaaltje van het stadion of door de rijdende rechter," vindt het VVD-Tweede-Kamerlid Rijpstra.

Voor de VVD en ook het CDA is het nu welletjes. Beide regeringspartijen willen dat justitie zo snel mogelijk overgaat tot effectieve bestraffing van vandalen. Het stadionverbod en de meldingsplicht bestaan weliswaar al, maar zijn door de moeizame procedures vrijwel tandeloos.

Elektronisch huisarrest

Als politie en justitie bereid zijn het voetbalvandalisme een hoge prioriteit toe te kennen, dan moet het mogelijk zijn op korte termijn lik-op-stukbeleid te voeren bij risicowedstrijden, meent Rijpstra. En als de politie moeite heeft met de controletaak door capaciteitsproblemen, dan moeten zij ook maar eens naar elektronisch huisarrest kijken, stelt hij.

Volgens het ministerie van Justitie zit een effectieve uitvoering van lik-op-stukbeleid vooral vast op het hoger beroep dat een vandaal tegen het vonnis kan instellen. Het beroep heeft een schorsende werking, waardoor het maanden kan duren voordat de hooligan daadwerkelijk met een eventuele meldingsplicht bij de politie uit het stadion kan worden geweerd. Om deze drempel weg te halen is een wetswijzging nodig, aldus een woordvoerder van Justitie.

De prioriteit van het Openbaar Ministerie (OM) bij de aanpak van het voetbalvandalisme ligt momenteel vooral op het stimuleren van civiele stadionverboden. De verantwoordelijkheid voor het handhaven van deze verboden ligt vooral bij de voetbalclub. Het OM heeft het strafrechtelijk stadionverbod gereserveerd voor notoire raddraaiers. Maar volgens het college is de meeste winst toch te halen bij een sluitende toegangscontrole door de clubs bij het voetbalstadion.

Toegangscontrole

Ook Rijpstra erkent dat een sluitende toegangscontrole een machtig wapen kan zijn in de strijd tegen het voetbalvandalisme. Hij is dan ook blij met het experiment tussen Ajax en Amsterdam om bij alle thuiswedstrijden een legitimatieplicht in te voeren. De liberaal vindt dat dit landelijk moet worden ingevoerd door alle clubs.

Tot slot vindt Rijpstra dat intensiever moet worden overlegd met de landelijk supportersverenigingen. Deze clubs links laten liggen is onverstandig, meent hij. Volgens hem kunnen deze verenigingen veel meer betekenen voor het in goede banen leiden van (risico)wedstrijden.