Arjan van der Laan, bondscoach van de Oranjevrouwen, vindt dat er geen uitgesproken favoriet is voor het Olympisch Kwalificatietoernooi (OKT), dat van 2 tot 9 maart gehouden wordt in Den Haag en Rotterdam.

Nederland strijdt in eigen land met Zweden, Noorwegen en Zwitserland om een plek op de Olympische Spelen komende zomer in Rio de Janeiro.

"Ze zijn allemaal goed genoeg om te winnen. Het wordt een enorm spannend toernooi", aldus Van der Laan tegen RTV Rijnmond. "Ik hoop dat wij met ons thuisvoordeel net een streepje verder komen dan de andere drie."

Nederland opent op 2 maart de poule, waarvan alleen de winnaar naar Rio gaat, in het Haagse Kyocera Stadion tegen Zwitserland en stuit op 5 en 9 maart op Het Kasteel in Rotterdam op respectievelijk Noorwegen en Zweden.

Van der Laan: "In die laatste twee wedstrijden zal er de meeste spanning op zitten, daar hebben we de meeste steun bij nodig. Ik hoop dat er veel mensen gaan komen."

Goede weg

De keuzeheer vindt dat het vrouwenvoetbal in Nederland stappen maakt. "Als ik kijk naar het huidige talent, de mogelijkheden die nu ontstaan met het EK volgend jaar in eigen land en nu het OKT en de ontwikkelingen in de breedtetak van deze sport dan zijn we op de goede weg."

De 46-jarige Van der Laan nam na het WK in Canada, waar Oranje de achtste finales haalde, het stokje over van de opgestapte Roger Reijners. Onder leiding van de Nieuwkoper won Nederland onlangs knap oefenwedstrijden tegen Frankrijk en Japan.

De Nederlandse vrouwen wisten zich nog nooit te plaatsen voor de Spelen.

Buitenland

Van der Laan kon maandag niet over zijn voltallige selectie beschikken. Hij miste op het kunstgrasveld van VVOG in Harderwijk liefst twaalf internationals, die allemaal in het buitenland spelen.

"De helft van onze selectie is al zo ver dat ze hun boterham kunnen verdienen met voetballen. Dat geeft de potentie en kwaliteit van deze groep aan'', zei Van der Laan.

Pas volgende week maandag, twee dagen voor de start van het OKT tegen Zwitserland, heeft Van der Laan alle internationals uit Scandinavië, Engeland, Duitsland en Frankrijk tot zijn beschikking.

"Ach, dit is voor ons een extra trainingskamp. Andere landen hebben deze dagen niet eens. Wij denken dat we met vijftig procent aanwezigheid meer kunnen doen dan helemaal niets. Ook deze dagen zijn nuttig'', aldus de nieuwe bondscoach.