Volgens Paul Haarhuis ligt het gebrek aan een 'topsportcultuur' ten grondslag aan het uitblijven van tennissucces in Nederland.

"Wij hoeven nergens aan te ontsnappen. Onze jeugd ontbreekt het aan niets", verklaart de Fed Cup-captain in gesprek met het AD. "We hebben het te goed."

Waar Nederland van de jaren negentig tot het begin van deze eeuw liefst zes tennissers in de top twintig had staan, is Robin Haase momenteel de beste Nederlander op plek 65 van de wereldranglijst. Bij de vrouwen is Kiki Bertens het hoogst geklasseerd op plek 106.

Haarhuis is van mening dat de huidige staat van het Nederlandse tennis niets te maken heeft met tennisbond KNLTB of het opleidingsplan, maar alles met de tijdsgeest en welvaart in Nederland.

In Oost-Europese landen als Rusland, Tsjechië, Roemenië en Polen profiteert de tenniswereld daarentegen juist van het gebrek aan financiële mogelijkheden. "Als je het in die landen kan maken in de sport, biedt dat een uitweg aan de economische omstandigheden. Het wordt volop gestimuleerd."

"In Nederland missen we die topsportcultuur. Zeggen we: maak je wel eerst school af? Logisch hoor, ik ben zelf niet anders", beaamt de 49-jarige Brabander.

'Geen oordeel'

Haarhuis, die zelf zes Grand Slam-titels won in het dubbelspel, stelt het geluk van zijn eigen kinderen boven hun sportieve carrière. "Ik ken te veel voorbeelden van kinderen die tien jaar geen contact hebben met hun vader of moeder, omdat ze gedwongen werden iets te doen dat ze niet leuk vonden."

"Maar denk je dat Russische en Tsjechische ouders ook tegen hun dochter zeggen: maak eerst je school af? Nogmaals, ik vel geen oordeel. Ik vind school ook superbelangrijk. Maar dit zijn wel de verschillen."

Haarhuis neemt het met zijn Fed Cup-team dit weekeinde in Moskou op tegen Rusland. De Nederlandse tennissters wonnen hun laatste zeven partijen en komen voor het eerst sinds 1998 weer uit in de wereldgroep.