BARCELONA - FC Barcelona heeft op de zesde speeldag van de Primera Division alleen de leiding genomen. De formatie van coach Frank Rijkaard boekte zondagavond een krappe zege op Numancia (1-0) en zag dat concurrent Valencia tegen Real Betis niet verder kwam dan een gelijkspel: 1-1.

De Catalaanse ploeg heeft nu 16 punten, twee meer dan Valencia. De overwinning op Numancia kwam tot stand dankzij een doelpunt van de Zweedse goaltjesdief Henke Larsson. In Nou Camp verschalkte hij in de 70e minuut de Numancia-doelman met een fraaie kopbal, waardoor zijn werkgever de vijfde competitiezege van het seizoen boekte.

Knieblessure

Van Bronckhorst speelde van begin tot eind mee. Slecht nieuws voor Rijkaard was het uitvallen van Edmilson. De Braziliaan werd in de tweede helft, enkele minuten nadat hij was ingevallen, van het veld gedragen met een naar het zich liet aanzien ernstige knieblessure.

Het duurde overigens lang voor het anders zo frivole Barça de 80.000 fans iets behoorlijks liet zien. Voor rust viel er niet te genieten van de speelse aanvalslust van Ronaldinho, Eto'o, Giuly en Larsson. Het ontbrak hen aan inspiratie.

Kansen

Invaller Iniesta zorgde in de tweede helft voor het verschil. De jonge middenvelder bracht offensief elan en stond aan de basis van een reeks kansen. Larsson scoorde uit een hoekschop van Xavi.

De eindstand bij Betis tegen Valencia werd al voor rust bereikt. Di Vaio zette de bezoekers op een 1-0 voorsprong, waarna Edu Betis weer op gelijke hoogte bracht. Valencia en Barcelona zijn in Spanje de enige twee ploegen die nog niet hebben verloren.

Real Madrid heeft het lek nog altijd niet boven en lijkt de seizoenstart van eeuwige concurrent Barcelona in 2003 te copiëren. Nu was Deportivo la Coruna weer te sterk, nog wel in Madrid. Albert Luque maakte vlak voor rust de enige treffer in het Bernabeu-stadion. Het was de derde competitienederlaag van de Koninklijke. De achterstand op Barcelona is al zeven punten.