AMSTERDAM - Johan Cruijff wil het aantal buitenlanders in de eredivisie inperken om de doorstroming van Nederlands talent te bevorderen. "Wordt er nu niet ingegrepen, dan zitten we over een paar jaar echt in de problemen", aldus de oude meester in zijn column in De Telegraaf. Cruijff spreekt daarin ook zijn vertrouwen uit in Marco van Basten.

Cruijff ontkent stellig dat Van Basten slechts een marionet is die uitvoert wat het orakel uit Vinkeveen hem vertelt: "Net als met Frank Rijkaard bij Barcelona heb je te maken met iemand met enorme kwaliteiten (...) Ze hebben zoveel kijk op voetbal, dat ze echt hun eigen boontjes wel kunnen doppen."

Wel vindt Cruijff dat Van Basten en zijn assistent John van 't Schip geconfronteerd worden met het al eerder door hem aangekaarte probleem van de doorstroming in Nederland: "Zowel Ajax, Feyenoord als PSV heeft vrijwel uitsluitend in buitenlanders geïnvesteerd. Het zoveelste bewijs dat het met de doorstroming niet goed zit (...) Ik zal er het komende jaar daarom extra op gaan hameren om een herenakkoord met alle eredivisieclubs te regelen, waarbij iedere club zich verplicht om ten minste zes spelers op te stellen die volgens hun paspoort gerechtigd zijn om voor het Nederlands Elftal uit te komen."

Cruijff heeft als clubcoach ook ervaring met de negatieve kanten van een 'buitenlanderregel'. Toen de oude meester FC Barcelona coachte, mocht hij maar drie buitenlandse spelers opstellen, terwijl hij met Ronald Koeman, Hristo Stoitchkov, Romario en Michael Laudrup beschikte over vier buitenlandse wereldtoppers.