Het was zondag een graadje of acht. De zon scheen. Op het terras om de hoek zaten mensen zonder jas, de sloot zat vol met kwakende eendjes.

's Avonds was er een documentaire op tv. Het heette Andere Tijden en het ging over iets dat heel lang geleden gebeurde. Over vroeger, toen er in de winter soms nog een soort vliesje over het water in de sloot lag dat we ijs noemden.

Toen er mannen met ijspegels in hun baard over de Bonkevaart dokkerden. Toen er nog een vorm van schaatsen bestond waarbij je niet om de honderd meter een bochtje om moest. Toen kinderen nog wisten wat klunen was.

Laten we eerlijk zijn: de Elfstedentocht van achttien jaar geleden was de laatste. Hoe hard Erben Wennemars het ook hoopt en hoeveel eczeem de kat van René Ruitenberg ook heeft: de kans dat er ooit nog eentje komt is net zo groot als de kans dat er ooit een tien kilometer wordt geschaatst zonder Bob de Jong.

Straalbezopen

De winters worden warmer en zelfs áls het hard genoeg vriest, zoals in 2012, wordt er geen Elfstedentocht georganiseerd. Ze kijken wel uit, daar in Friesland. Drie miljoen straalbezopen westerlingen met Unox-mutsen op bezoek: nee, bedankt. Honderden weilanden veranderd in een groot parkeerterrein? Liever niet. Schadeclaims aan de broek vanwege een tekort aan strooizout, EHBO-posten en sneeuwruimers? Laat maar zitten.

Anno 2015 moet alles worden overgeorganiseerd. Je moet mensen vertellen dat ze water moeten drinken als ze een stuk wandelen in de zon rond Nijmegen, bij slecht weer worden voetbalwedstrijden afgelast omdat het publiek zichzelf anders te pletter rijdt op weg naar het stadion en als er drie vlokken sneeuw vallen ligt het hele land plat.

Ach, die arme marathonschaatsers van tegenwoordig. Zomer na zomer trainen ze zich het apelazarus voor Die Ene Wedstrijd, maar in de winter komen ze niet veel verder dan wat rondjes in schaatshallen en wat Alternatieve Elfstedentochten in de poolcirkel - slechts gadegeslagen door een stel ijsberen en een bevroren tonijn.

Skeelerwedstrijd

Als we nog een Elfstedentocht willen, dan moet het helemaal anders. Dan moet de boel van A tot Z worden gepland. Waarom zou je de natuur bijvoorbeeld niet een handje helpen tijdens een van de spaarzame vriesperiodes? Grote ijsblokken laten afzinken onder bruggen? Plastic platen waarop het ijs makkelijker aanzet?

Waarom zou je eigenlijk niet gewoon elk jaar midden in de winter een skeelerwedstrijd van tweehonderd kilometer uitschrijven? Dat is pas écht een Alternatieve Elfstedentocht. Het klinkt misschien minder heroïsch dan tweehonderd kilometer schaatsen en klunen bij min twintig, maar het is nog altijd heroïscher dan helemaal geen Elfstedentocht.

We kunnen elk jaar op de bank wegzwijmelen bij de beelden van oude Elfstedentochten en ons wentelen in nostalgie, óf we kunnen zelf in actie komen.   

De vraag is niet of er nog een Elfstedentocht komt, maar of we nog een Elfstedentocht willen.

*Auteur Thijs Zonneveld is een ex-wielrenner. Hij werkt als sportverslaggever bij het AD en schrijft daarnaast columns voor NUsport.nl.*