Bernie Ecclestone wordt door de Duitse bank BayernLB voor 345 miljoen euro aangeklaagd.

De staatsbank heeft een rechtszaak aangespannen tegen de Brit en zijn familiebedrijf Bambino.

Volgens BayernLB heeft de Formule 1-baas in 2006 bij de overname door investeerder CVC van een groot aandelenpakket van de Formule 1 van de Bayerische Landesbank, smeergeld betaald aan bankier Gerhard Gribkowski die namens de bank de verkoop begeleidde.

Dat ging over een bedrag van 44 miljoen dollar (ruim 32 miljoen euro). De verkoop van het aandelenpakket aan de door Ecclestone aangeduide investeringsmaatschappij CVC Capital Partners vond ook plaats, maar voor een volgens de bank veel te laag bedrag van 840 miljoen dollar (687,1 miljoen euro).

In augustus stond de 84-jarige Ecclestone terecht voor de feiten, maar door het betalen van een afkoopsom van zo'n 75 miljoen euro wist de Brit vervolging wegens omkoping te voorkomen.

De steenrijke Formule 1-baas heeft afgelopen zomer geprobeerd de kwestie met BayernLB te schikken met een betaling van 25 miljoen euro, maar de bank vond dat te weinig en accepteerde het geld niet.

Tijdens het proces in München kwam de aandelenprijs van destijds ook ter sprake. De aanklager en diverse getuigen meenden toen dat Ecclestone een goede prijs had betaald voor de aandelen.