De weemoed won het van de haast. De nostalgische bui waar ik in verkeerde, drukte de actualiteit voor even naar de achtergrond.

Het aanvangstijdstip van het Champions League-duel tussen Arsenal en Anderlecht kwam met rasse schreden naderbij, maar bij het verlaten van metrostation Arsenal sloeg ik toch links- in plaats van rechtsaf op de Gillespie Road.

Op de volgende hoek stond ik even stil bij de Golden Fish Bar, waar vroeger op zaterdagmiddag gevochten werd om Fish & Chips, nu was het er opvallend rustig. Weliswaar is het huidige stadion van 'The Gunners' slechts een verre ingooi verwijderd van het oude complex, toch zijn de looproutes ingrijpend gewijzigd.

Snel schoot ik Avenell Road in, de plek waar Highbury nog tastbaar is. Na honderd meter doemde de gevel op van de oude East Stand, nog in volle glorie aanwezig. Nu de ingang vormend van een appartementencomplex, genaamd Highbury Stadium Square, waarbij de optrekjes uitzicht bieden op het voormalige hoofdveld. Voor een kleine miljoen euro zijn ze te koop bij de Stadium Estate Office. Huren kan ook, voor zo'n 500 euro per week.

Fluwelen touch

M'n mijmertijd was beperkt, maar ik kon het toch niet laten. Op mijn netvlies verschenen beelden van het oude Highbury, dat prachtige compacte stadion waar iedereen bovenop het veld zat. Ik zag de rushes van Marc Overmars, de wereldgoals van Thierry Henry en de fluwelen touch van Dennis Bergkamp, die in Noord-Londen de bijnaam God kreeg opgespeld. Highbury is niet meer, maar ik koester de wedstrijden die ik er zag.

Snel verplaatste ik me naar het Emirates Stadium, het gevaarte waarin Bergkamp maar één keer speelde, z'n afscheidsduel met Ajax in juli 2006. Dat krijg je ervan als je een stadion vernoemt naar een vliegtuigmaatschappij. Toch is de Non Flying Dutchman niet uit beeld verdwenen, ook letterlijk niet. Een karakteristieke aanname van hem is in brons gevangen en siert de omloop rond het stadion.

Ook Herbert Chapman, de legendarische manager uit de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw is op een sokkel geplaatst, evenals Thierry Henry die op zijn knieën een van z'n vele doelpunten viert.

Het Emirates Stadium doet in niets denken aan zijn voorganger, maar de geschiedenis van de roemruchte club is niet weggemoffeld. Op vele plekken wordt stilgestaan bij de helden uit het (verre) verleden. Om de haverklap lacht Bergkamp je toe, worden de goals van Ian Wright en de onverzettelijkheid van Tony Adams bezongen en komen we achter allerlei wetenswaardigheden over de club.

Dat het bijvoorbeeld de enige club in Londen is waarnaar een metrostation is vernoemd, dat Bergkamp en ploeggenoot Wright elkaar voor het eerst ontmoetten bij een benzinestation en dat er in de London Zoo een miereneter rondloopt genaamd Gilberto, als eerbetoon aan de voormalige middenvelder van Arsenal.

Hommage

Zelfs de wedstrijd tegen Anderlecht is één grote hommage aan het verleden en niet alleen vanwege de niet alledaagse uitslag (3-3). De wedstrijd boeit van begin tot eind. Waar iedereen een makkelijke zege voor de thuisclub verwacht, zeker na een 3-0 tussenstand, verrassen de Belgen met een imposante inhaalmanoeuvre in het laatste half uur van de wedstrijd.

Eén ding is in al die jaren onveranderd gebleven: de verongelijkte blik van Arsenal-manager Arsène Wenger is meeverhuisd van Highbury naar Emirates. Vooraf hamerde de Fransman erop om voluit voor de winst te gaan om zo uitzicht te houden op de eerste plaats in de poule, na dit onnodige gelijkspel rest enkel de tweede stek. De afgelopen vier seizoenen goed voor directe uitschakeling in het eerste de beste knock-outgevecht.

En dus daalt er na negentig minuten een fluitconcert neer op de spelers. Ik vraag me af of dat op Highbury ook zo zou zijn geweest. Ook in die zin hebben de Europa Cup-avonden aan glans verloren. Het Emirates Stadium is een prachtig stadion, maar de intieme sfeer van z'n voorganger zal het nooit meemaken.

Ook daarom verlang ik terug naar Highbury. En mag ik graag vertoeven in stadions die uit de klauwen van de projectontwikkelaars zijn gebleven.

Tweede Divisie

De hang naar het verleden probeer ik intussen te voeden met nieuwe initiatieven. De Tweede Divisie is daar een goed voorbeeld van. Samen met collega Leo Oldenburger gaan we proberen om clubs die zijn verdwenen uit het betaalde voetbal weer een beetje tot leven te wekken.

Op vier woensdagen in juni 2015 binden gemêleerde teams van HFC Haarlem, SVV, Veendam en Wageningen de strijd met elkaar aan, elke week op een ander complex. Om zo de fans wier clubs buiten hun schuld zijn afgepakt iets terug te geven.

Okay, een stadion zo mooi als Highbury zit er niet tussen, maar de Wageningse Berg en de Veendamse Langeleegte zijn waardige vervangers. Zoals het was wordt het nooit meer, maar als we een beetje in de buurt komen is onze opzet al geslaagd.