De renners van Giant-Shimano zijn vrijdag redelijk ongeschonden uit de valpartijen in de negentiende etappe van de Tour de France gekomen. Ook bij Belkin viel de schade mee.

Albert Timmer, Roy Curvers en Koen de Kort kwamen ten val in de stromende regen die de rit van Maubourguet naar Bergerac teisterde.

"Albert heeft kleine schaafwonden en dat geldt ook voor Koen. Roy rijdt de sloot in omdat hij een kwak kreeg, daar was het ook zacht", legt Giant-ploegleider Rudi Kemna uit aan NU.nl.

Door de chaos in de laatste kilometers slaagde de Nederlandse formatie er niet in om een sprint om de zege af te dwingen. John Degenkolb werd tweede achter de eenzame vluchter Ramunas Navardauskas.

"We wilden natuurlijk contoleren, maar bij elke rotonde is het zo uit elkaar gestrekt dat het heel veel energie kost om van voren te komen. Als dan ook nog iedereen valt", verzuchtte Kemna.

Mollema en Ten Dam

Bauke Mollema en Laurens Ten Dam kwamen eveneens met de schrik vrij. Beide renners van Belkin zaten midden in de valpartij. "Ik stond precies tussen de valpartij in, zag ze overal om me heen omvallen en ik bleef gewoon staan'', zei Mollema.

De nummer zeven van het klassement overwoog 500 meter eerder nog even om wat op te schuiven in de groep. "Maar ik ben gelukkig blijven zitten. Je moet altijd geconcentreerd blijven in de Tour. Vorig jaar in de rit naar Parijs was er nog een fikse valpartij waarbij iemand zijn hand brak.''

Ten Dam nam net als zijn ploeggenoot niet al te veel risico. "Ik kon gelukkig op tijd remmen. Ik stond snel stil en heb weggestuurd, zodat de rest niet tegen me aan zou komen. Het was sowieso een nerveuze rit, die me een jaar van mijn leven, mijn zonnebril en mijn regenjack heeft gekost."

De Groninger zag Bram Tankink wel naar de grond gaan. "Bram had wat last van zijn heup, hij kon moeilijk trappen. Maar volgens mij gaat het inmiddels al wat beter."

Sagan: 'Ik was de eerste die viel' I Navardauskas blijft peloton voor in regenachtige Touretappe I Bekijk alle klassementen