Bauke Mollema is de eerste etappe van de Tour de France in Engeland zaterdag niet helemaal ongeschonden doorgekomen.

De Nederlandse troef voor het klassement kwam 20 kilometer voor de streep bijna ten val met zijn Belkin-teamgenoten Stef Clement en Lars Boom, die wel op de grond lagen.

"Dat is natuurlijk nooit prettig, maar volgens mij is er niets aan de hand. Ik denk dat ze gewoon fit aan de start staan zondag", aldus ploegleider Merijn Zeeman tegen NU.nl.

"Bauke kon meteen weer aansluiten, maar bij Stef en Lars duurde het wat langer. Gelukkig valt het mee met de schade."

Niks bijzonders

Mollema relativeerde het ongelukje na afloop. "Ik heb niet echt op de grond gelegen, maar ze reden van achter op me in en ik stond even stil tegen het hek. Het was niks bijzonders."

De klimmer was tevreden over zijn openingsdag. "De benen waren op zich goed, ik voelde me prima. Er werd wel heel hard gereden en zeker de afdalingen waren best gevaarlijk."

Clement bekende op Twitter dat hij de veroorzaker was van de val. "Vallen is nooit fijn, maar twee teamgenoten meenemen is nog slechter, zeker als de kopman erbij is. Het is niet nodig om te melden hoe ik me voelde na de finish."

Boom had het meeste last van de val. Hij moest zich even bij de dokter melden en kreeg na de race een straf van 20 seconden aan zijn broek van de jury. Boom zou op een ongeoorloofd moment eten toegediend hebben gekregen.

Cruciaal

Zeeman verwacht dat de valpartij geen negatieve gevolgen heeft voor de tweede rit naar Sheffield, waar de klassementsrenners zich mogelijk voor het eerst laten zien.

"Die etappe is cruciaal voor ons. Daar moeten we met meer jongens voorin zitten om Bauke te ondersteunen en wellicht liggen er nog kansen om iets te doen."

Mollema lijkt wat van plan te zijn in de rit die doet denken aan een klassieker in de Ardennen. "Dat is een hele andere etappe, zonder de Kittels erbij in de finale. De hele dag op en af, dat ligt me goed."

Kittel sprint naar zege in eerste etappe Tour de France