Atlético Madrid heeft zondagavond op overtuigende wijze de koppositie gepakt in de Primera Division. De ploeg van trainer Diego Simeone versloeg op eigen veld subtopper Real Sociedad met 4-0.

De treffers kwamen op naam van David Villa, Diego Costa, Miranda en debutant Diego. Atlético profiteerde van de nederlaag van Barcelona zaterdag voor eigen publiek tegen Valencia (2-3).

Voor het eerst sinds 1996 voert Atlético de ranglijst aan in de Primera Division. Tevens evenaarden de Madrilenen met de winst op Sociedad het clubrecord uit 2012, toen het eveneens 23 wedstrijden op rij ongeslagen bleef.

Barcelona stond 59 speelronden lang aan kop in Spanje en heeft daarmee het record in handen. Atlético heeft nu drie punten meer dan de titelverdediger.

Real Madrid

Stadgenoot Real Madrid liet later op zondagavond na om Barcelona eveneens te passeren op de ranglijst. De Madrilenen bleven op bezoek bij Athletic Bilbao steken op 1-1 en verloren tevens Cristiano Ronaldo met een rode kaart.

Op aangeven van Ronaldo zette Jesé Real in de tweede helft op voorsprong. Dat bleek echter niet genoeg voor de winst, want invaller Ibai Gomez bracht de thuisploeg op gelijke hoogte. Gomez stond als invaller net enkele seconden in het veld.

Na de gelijkmaker moest Real ook nog eens met tien man verder. Ronaldo kon zich bij een opstootje niet beheersen, deelde een tikje uit en kreeg de rode kaart.

Door het gelijkspel heeft Real nu net als Barcelona 54 punten uit 22 wedstrijden. De Catalanen beschikken echter over een beter doelsaldo dan de ploeg van trainer Carlo Ancelotti.

Serie A

Juventus rekende in de Italiaanse Serie A op eenvoudige wijze af met Internazionale. Op eigen veld versloeg 'De Oude Dame' de ploeg uit Milaan met 3-1. De voorsprong van koploper Juventus op naaste belager AS Roma groeide daardoor naar negen punten.

Roma heeft nog wel een duel tegoed, omdat de wedstrijd tegen Parma eerder op zondag na elf minuten werd gestaakt omdat het veld onbespeelbaar werd door de grote hoeveelheid regen.

Juventus was tegen Inter vrijwel constant de betere ploeg. Carlos Tévez miste in de derde minuut al een levensgrote kans. Ruim tien minuten later was het alsnog raak toen Stephan Lichtsteiner een fraaie pass van Andrea Pirlo binnen kopte: 1-0.

Vlak na rust vergrootten Giorgio Chiellini en Arturo Vidal de voorsprong naar 3-0. Rolando deed daarna nog wat terug voor Inter.