Een fijn portie trashtalk: ''Wie weerhoudt me ervan om nog sneller te gaan? De enige die de komende jaren een einde kan maken aan mijn sterrenstatus in de atletiek ben ik zelf, en ik ben een fenomeen, een geduchte tegenstander – een legende voor mijn generatie. Geloof me, mijn tijd is nog niet voorbij.''

Aangenaam kennis te maken, dit is Usain Bolt. ’s Werelds snelste man op spikes, die er als kind van droomde om cricketheld te worden en niet uitsluit dat hij na de Olympische Spelen van 2016, mocht hij (dan 29) niet meer meekunnen met de beste sprinters, ergens in Engeland nog profvoetballer kan worden. 

'''Ik zal niet zeggen dat ik de nieuwe Cristiano Ronaldo ben, maar ik ben snel en balvaardig. Wie weet waar ik met een heleboel oefening toe in staat ben.''

Nee, aan zelfvertrouwen geen gebrek in de biografie van de Jamaicaan. Hij is zich al langer bewust van zijn klasse, talent en uitstraling. Het irriteert trouwens niet, die stelligheid. De man heeft, rijkelijk behangen met gouden medailles en voor altijd in de analen met handen vol (wereld)records, wat je noemt recht van spreken.

Gaat het over zijn gedisciplineerde jeugd, dan zegt hij: ''Vanwege mijn buitenaardse talent hoefde ik me op de training nooit erg in te spannen. Aan de start verschijnen en hard lopen was meestal genoeg om schoolkampioen te worden.''

Kipnuggets

Praat hij over het recente verleden en het heden, dan is hij ook vrij duidelijk. ''Ik lééf voor grote wedstrijden. Voor een normale wedstrijd pep ik mezelf op en die wil ik ook graag winnen, maar de echte gretigheid en passie zijn er niet. In elk geval niet helemaal.'' Het is een te billijke vorm van bravoure. Bolt weet wat hij wil en laat zich weinig opleggen.

Tijdens de Spelen van Peking in 2008 (waar hij in totaal tien dagen verbleef) at hij in het Olympisch dorp honderd (!) kipnuggets per dag. Het staat er echt. Plus appeltaart en patat. Bolt won er drie keer goud en verbrak er drie wereldrecords. Het zijn leuke wetenswaardigheden.

Net als dat hij groot Manchester United-fan is, Ruud van Nistelrooij noemt als favoriete spits en de arts van Bayern München (Müller-Wohlfahrt) regelmatig consulteert, in een nu en dan slordig boek waarin z’n levensverhaal chronologisch voortkabbelt zonder dat onverwachte bliksemschichten echt laten schrikken. Al ontsnapte Bolt tijdens een auto-ongeluk in 2009 volgens eigen zeggen wel aan de dood.

Doping

Als het over doping gaat trekt hij wel fel van leer: ''Ik was schoon, ben dat altijd geweest en zal dat altijd zijn.'' De beschrijving van weer een controle staat bol van irritatie: ''In het begin vond ik het maar niks, een vent die naar mijn pik stond te kijken en me bekeek terwijl ik in een fles plaste. Ik wond me erover op. ‘Wat moet je?’, mopperde ik de eerste keer. ‘Je hoeft er niet echt naar te kijken!'''

Hoewel het koningsnummer, had Bolt voorheen weinig op met de 100 meter sprint. De 200 meter was zíjn afstand, daarop wilde hij geschiedenis schrijven nadat hij de vaker als inspiratiebron aangehaalde Michael Johnson er ooit op zag schitteren.

''Voor mij was de 200 het Echte Werk. De 100 zag ik meer als een kick, een race voor de lol.'' Hij belandde er omdat het lopen van 400 meters niet langer een optie voor hem was. Daar had hij ‘absoluut geen zin in.’''En ik verwachtte absoluut niet dat ik een hoogvlieger zou zijn op de kortere afstand.''

Cijfer: 6,5

Usain Bolt

 - Sneller dan het licht -
Uitgever: Thomas Rap
ISBN-nummer: 9789400400085  
Auteur: Matt Allen
Pagina’s: 349

Prijs: 19,90 euro