RIJSWIJK - Dertig avonturiers beginnen vrijdag ergens in Het Gooi aan een voor Nederlandse begrippen zeldzaam zwaar sportevenement. Ze gaan aan een stuk 110 kilometer hardlopen, 175 kilometer mountainbiken, 80 kilometer kanovaren en 25 kilometer paardrijden. Inzet is de eerste Nederlandse titel Adventure racing.

De atleten leggen het parcours af in tweetallen. Er hebben zich in totaal vijftien teams aangemeld, zowel mannen-, vrouwen- als mixed duo's. Hulp van buitenaf krijgen ze niet. De route, die voert door het Groene Hart en Utrechtse Heuvelrug, moeten ze zelf bepalen met behulp van kompas en coördinaten op een landkaart.

Vandaar ook dat de startplaats tot het laatst toe geheim blijft voor de deelnemers. De wedstrijd moet alles hebben van een expeditie, maar dan wel een met een stopwatch. Er zijn op de totale route van 390 kilometer een stuk of zeven wisselpunten, waar de atleten van onderdeel moeten wisselen. Bij het paardrijden is het de bedoeling dat het ene teamlid de viervoeter bestijgt en de ander ernaast blijft hardlopen.

Conditie en strategie

Het komt aan op conditie en strategie, zegt organisator Geert van Dijk. "Het team dat wint heeft niet alleen een groot uithoudingsvermogen, maar is ook slim. Naarmate de vermoeidheid toeneemt, gaan namelijk andere vaardigheden een belangrijke rol spelen: het uitstippelen van de optimale route en het kiezen van het juiste tempo, materiaal en voedsel."

Hoe dan ook wordt de eerste NK Adventure racing een fysieke en mentale uitputtingsslag. Van Dijk verwacht dat de snelste teams ruim veertig uur onafgebroken racen. Ze zullen de finish zondagmiddag 7 april bereiken.

De deelnemers zijn volgens Van Dijk allemaal topsporters die al vaker hebben meegedaan aan dergelijke extreme duursportwedstrijden in het buitenland. "Vergeleken bij races in het buitenland is deze wedstrijd eigenlijk een peuleschil. Nederland ontbeert de bergen, wouden en snelstromende rivieren om het echt loodzwaar te maken. Toch denk ik dat we voor adventure racen in Nederland het maximum halen."

De organisatie heeft bijvoorbeeld toestemming van Staatsbosbeheer om een aantal beschermde natuurgebieden te doorkruisen. "We zijn daar heel wat fraais tegengekomen. Zelfs riviertjes met redelijk snelstromend water."