Het Nederlandse wielrennen wacht al twaalf jaar op succes in een voorjaarsklassieker. Met de Ronde van Vlaanderen in aantocht maakt bondscoach Johan Lammerts zich zorgen over hoe dat komt. "Hoe kan het dat we in grote wedstrijden niet thuis geven?"

Door Anne Joldersma

"Misschien hebben we gewoon niet de renners om zulke eendaagse wedstrijden te winnen", laat Lammerts tegenover NUsport weten.

"Hoewel ik dat als bondscoach van de elite mannen natuurlijk niet hoop. We willen straks bij de wereldkampioenschappen toch een goed resultaat boeken."

De bondscoach, die enkele maanden geleden Leo van Vliet opvolgde, is nog niet heel erg te spreken over de prestaties van de Oranje-renners dit seizoen. "Hoewel Team Blanco goed bezig is met elf overwinningen en Tom-Jelte Slagter natuurlijk een hele mooie zege boekte in de Tour Down Under. Maar echt grote overwinningen ontbreken nog."

"Robert Gesink reed sterk in Catalonië, Bauke Mollema deed het wel aardig in de Tirreno-Adriatico. Maar in Parijs-Nice en Milaan-San Remo en ook in de Vlaamse semiklassiekers reden we niet van voren. In de klassiekers zien we de Nederlanders niet, eigenlijk al jaren niet."

"Ik wil daar wel over in gesprek gaan met de jongens", vervolgt de nationale keuzeheer die afgelopen seizoen als bondscoach van de vrouwen Marianne Vos naar haar olympische titel en wereldtitels begeleidde.

"Hoe kan het nou dat we in de aanloop altijd goed presteren, maar in de echt grote wedstrijden niet thuis geven? Daar moeten we het maar eens over hebben."

Van der Poel

Volgens Adrie van der Poel, in 1986 de laatste Nederlandse winnaar van de Ronde van Vlaanderen, ligt het niet aan de mentaliteit van de Nederlandse renners. "Daar komt het niet door. Jongens als Sebastian Langeveld, Niki Terpstra en Lars Boom willen altijd zo goed mogelijk presteren. Die rijden echt niet alleen maar mee."

"Maar het is een feit dat er al heel lang geen Nederlands succes in de klassiekers is geweest (Erik Dekker won in 2001 met de Amstel Gold Race als laatste Nederlander een klassieker -red.). Dat heeft er vooral mee te maken dat we in Nederland veel te lang jongens hebben opgeleid met het oog op de Tour de France."

"Het specialistische werk dat nodig is voor de klassiekers is te lang over het hoofd gezien terwijl we in Nederland best het potentieel hebben om klassiekers te winnen. Ik heb het gevoel dat er de laatste jaren meer op getraind wordt. Ik hoop in ieder geval dat ik zondag een opvolger krijg."