De meneer van de Rabobank stond voor een camera en riep dat hij zich bekocht, misleid en bedrogen voelde. 

Door Thijs Zonneveld

Hij zei het voor de zekerheid nog een keer: bekochtmisleidvoordegekgehouden. Nee, bij de bank wisten ze van niks, zei de bankmeneer. Al die doping bij de wielerploeg - het was schokkend en onvoorstelbaar. Ze hadden het vermoeden wel dat er 'iets' aan de hand was in het wielrennen, maar toch niet bij hun eigen ploeg zeker?

Na een minuut of drie was het streepjespak klaar met zijn riedeltje. Hij had zijn straatje schoongeveegd en gemeld dat ze bij de bank von nichts gewusst hadden - daarna kon hij over op de orde van de dag: zo veel mogelijk centjes verdienen.

Door te sjoemelen met de rente bijvoorbeeld. Of met investeringen in clusterbommen en landmijnen. Met kernwapens. Of met foute hypotheekadviezen. En anders wel met plofkippen.

Geen vragen

Rabobank stapte in 1996 in het wielrennen. Een slechter moment was niet mogelijk: het was het hoogtepunt van het epo-tijdperk. Er werden een paar afspraken over doping op papier gezet, en dat was dat. Woorden, geen daden. Er werden geen vragen gesteld, er werd geen onderzoek gedaan, er werd niet gestuurd op integriteit.

De bank eiste resultaat, maar bemoeide zich niet met de manier waarop dat resultaat werd behaald. Gewonnen moest er worden, de kleuren van de bank moesten in beeld - hóe was van secundair belang. De bankmeneren deden alsof doping niet bestond.

De bank wilde meer, en meer, en meer. Klassiekers winnen was niet genoeg; er moest ook een Rabo-renner op het podium in de Tour de France. Om die eis in te willigen werden Levi Leipheimer en Michael Rasmussen - plofkip op twee wielen - aangetrokken, en werd het medische beleid nog een beetje verder opgerekt.

De streepjespakken van de bank hebben zelf geen spuiten gezet; misschien wisten ze zelfs écht niet precies wat er gebeurde in de wielerploeg. Maar ze hadden wel moeten weten dat doping een grote rol speelde in het wielrennen - al was het maar door de Tour de Dopage van 1998, de talloze positieve gevallen en de opgerolde dopingnetwerken.

Als je in zo'n wereld meer en meer resultaat eist, dan zet je renners onder druk om hetzelfde te doen als hun slikkende en spuitende concurrenten. Als een streepjespak van zijn chauffeur verwacht dat hij binnen een uur van Wassenaar naar Brussel rijdt, dan moet hij niet raar opkijken dat er de week nadien een pakketje verkeersboetes op de deurmat ploft.

Beerput

Rabobank investeerde miljoenen in de wielerploeg, en kreeg er minimaal het twintigvoudige voor terug. De wielerploeg was een cash cow - een betere manier om zo veel naamsbekendheid en goodwill te scoren was er niet. Maar op het moment dat het deksel van de beerput werd gelicht trok Rabobank de stekker uit de ploeg: de jonge generatie kreeg de rekening gepresenteerd voor het foute verleden van anderen.

Rabobank was als sponsor onderdeel van het systeem dat de sport corrumpeerde en liep ervoor weg toen het eigen imago in gevaar kwam. Prima hoor, maar hou dan geen jankverhalen voor de camera.

Bekocht, misleid en bedrogen?

Ammehoela.