ROUBAIX - Een mooiere kans op een zege in een wereldbekerwedstrijd zal Tristan Hoffman wellicht nooit meer krijgen. Zondag in Parijs-Roubaix had het moeten gebeuren voor de -jarige renner die de botten regelmatig voelt kraken. "Maar versleten ben ik nog niet", wist Hoffman nadat hij op de wielerbaan van Roubaix was geklopt door de Zweed Magnus Backstedt.

Hoffman was niet eens teleurgesteld. "Nee, ik ben heel blij met dit resultaat. Ik weet dat ik niet nog eens zo'n kans krijg om Parijs-Roubaix te winnen. Maar Magnus was in de sprint een klasse beter. Het is wrang, maar ik ben gewoon op waarde geklopt", zei de Achterhoeker nadat hij samen met de Zweed en de Brit Roger Hammond (derde) was gehuldigd op het middenterrein van het Velodrome.

Tranen

De tranen rolden over de wangen van Johan Museeuw, die 17 seconden na de winnaar vijfde werd in zijn laatste wereldbekeroptreden. "De Leeuw" neemt woensdag afscheid in de Scheldeprijs en leek in de finale op weg naar zijn vierde zege in Parijs-Roubaix. Het zou een waardig slot zijn geweest van een imposante loopbaan, maar de kasseien van de Hel kennen geen genade. Museeuw reed lek minder dan 10 kilometer voor de streep in Roubaix en moest zijn vier medevluchters - met de Zwitser Cancellara - laten gaan.

Ontknoping

Zo leek de ontknoping van Parijs-Roubaix wel wat op de afloop van de Ronde van Vlaanderen, een week eerder. Toen reden drie subtoppers vooruit en waren de grote favorieten gezien. Nu waren opnieuw de kopstukken verslagen en hadden de drie ploegen die de koers beheersten - Lotto-Domo, Quick-Step en T-Mobile - zelfs niemand meer voorin.

Museeuw

"Pech voor Johan, een geluk voor ons", had Hoffman gedacht op het moment dat Museeuw lek reed. Backstedt had niet eens gemerkt wat er gebeurd was op de keitjes van Hem, de een na laatste van 26 hindernissen. "Was hij gevallen? Lek gereden? Ik wist het niet. We zijn gewoon door blijven rijden."

Met Roubaix in zicht dacht Backstedt - met zijn 1.93 meter een reus in het peloton - alleen nog aan winnen. "Er is geen koers die me zo ligt."

Backstedt

Op de wielerbaan van Roubaix maakte Backstedt een jongensdroom waar. In een sprint waarin hij vooral Hammond ("een goede vriend van me") vreesde, maar waarin Hoffman uiteindelijk het dichtst in zijn buurt bleef. "Goede benen garanderen niets, maar ik heb me eigenlijk de hele dag lekker gevoeld."

Hoffman

Hoffman had het anders ervaren. Er waren momenten geweest dat hij dacht dat de koers voor hem gelopen was. "Ik heb nog een keer van fiets moeten wisselen. En in de finale zat ik tegen kramp aan. Ik werd ook een beetje zenuwachtig toen ik de piste opdraaide. Ik realiseerde me wel dat er een kans was dat ik hier ging winnen."

Het gebeurde niet. Hoffman haalde de laatste krachten uit zijn tenen, maar het imposante lijf van Backstedt had meer power over. "Maar versleten ben ik dus nog niet", concludeerde Hoffman. "Peter Post zou zeggen: er zit nog een motor in."