ROUBAIX - Johan Museeuw neemt woensdag in de Scheldeprijs afscheid van de actieve wielersport. Het zal een emotioneel eresaluut worden waar tienduizenden Vlamingen hun 'Leeuw' zullen uitzwaaien. Zijn laatste kunstje op het hoogste podium strandde zondag op de kasseien van Hem. Ruim zes kilometer voor de streep zag Museeuw zijn kansen op een vierde zege in Parijs-Roubaix in rook opgaan doordat hij lek reed.

Elf wereldbekerwedstrijden won hij, drie keer de Ronde van Vlaanderen, drie keer Parijs-Roubaix, ofwel de Hel van het Noorden. De klassiekerkoning, in Vlaanderen geëerd als een vorst, had zondag nog eenmaal snode plannen. En een kleine zeven kilometer voordat hij voor de laatste keer de wielerbaan van Roubaix zou opdraaien wist Johan Museeuw het zeker: "Ik ga winnen."

Achterband

Het was de goden verzoeken. Terwijl hij in gedachten triomfeerde, liep zijn achterband leeg, moest Museeuw zijn medevluchters laten lopen en spatte zijn droom uiteen. "Ik heb een half uur zitten wenen in de bus", vertelde hij een uur nadat hij, gearmd met landgenoot Peter van Petegem, de finish als vijfde was gepasseerd.

Tranen

Vlaanderen huilde, maar de vraag of hij nu toch nog een jaartje door moest gaan, wuifde hij zeer beslist weg. "Ik stop zeker, maar het zal pijn doen woensdag." Er zullen nog tranen vloeien.

Johan Museeuw (38) kende een carrière vol hoogte- en dieptepunten. Hij groeide uit van een sprinter tot de beste renner in eendaagse wedstrijden, werd wereldkampioen in 1996, maar kwam ook twee keer terug uit een diep dal. In 1998 brak hij bij een val in Parijs-Roubaix zijn linkerknieschijf en leidde een infectie aan de verwonding tot een levensbedreigende vorm van wondkoorts. Twee jaar later won hij de koers die hem bijna genekt had.

Motorongeval

Later dat jaar sloeg het noodlot opnieuw toe. Ditmaal kostte een motorongeval hem bijna het leven. De schade: twee fracturen in het hoofd, een gebroken schouder, een gebroken rib, een longperforatie, een gebroken linkerkuitbeen en linkerenkel. Museeuw zou nooit meer fietsen, was de logische conclusie.

Status

In 2002 won hij opnieuw Parijs-Roubaix, zijn status in België bereikte mythische proporties, al was er soms ook irritatie over zijn houding naar pers en publiek. Museeuw klaagde over gebrek aan respect, over onbegrip als zijn woorden weer eens verkeerd waren begrepen. Hij vergat daarbij dat hij in zijn betogen vaak net zo onnavolgbaar was als op de fiets.

Zijn laatste kunstje was hem zondag in Roubaix niet gegund. Hij weende dikke tranen en excuseerde zich in zijn kenmerkende stijl: "Ook ik ben maar een mens van vlees en bloed. Ik ben maar een simpele Vlaming. Ik heb al menig uppercut gehad. Maar Johan Museeuw is altijd een meester-relativeerder geweest."