MADRID - Nog even de strafcorner trainen. Dat 'even' van de nieuwe bondscoach Terry Walsh kennen de spelers van het Nederlands hockeyteam inmiddels maar al te goed. "Voordat je het weet, ben je een dik uur verder", grinnikt SCHC-routinier Erik Jazet (32). "Terry is een hockeydier, een trainingsbeest. En ook nog een perfectionist. Hij is dag en nacht met hockey bezig."

Australiër Walsh, de opvolger van de verdreven Joost Bellaart, heeft binnen amper twee maanden ontzag en respect afgedwongen bij Oranje. "Zijn aanpak en zijn visie zijn heel verfrissend", stelt Jazet, een van de zes rebellen die eind vorig jaar Bellaart aanklaagde. "Hij brengt de Australische en Nederlandse hockeycultuur samen. Hij combineert de beste eigenschappen en maakt daar onze stijl van. Op mijn ouwe dag leer ik nog veel van hem."

Libero Jazet: "Terry besteedt zowel veel aandacht aan het team als aan het individu. Hij let op kleinste details. Slagtechniek, veldbezetting, loopacties, je kunt aan alles merken dat hij als speler en als coach in de top heeft gewerkt. Terry straalt rust uit. Hij weet wat hij wil en hij weet wat hij doet. Zijn professionele houding slaat over op de spelers. Wij denken allemaal mee hoe we als team en als individu beter kunnen worden."

Bellaart

Onder 'baas' Bellaart was dat wel anders. Zeker bij diens laatste toernooi, het volledig mislukte Europees kampioenschap in Barcelona (vierde), was van enige interactie tussen bondscoach, spelers en team geen sprake meer. Bellaart beaamde (veel) later dat hij de regie, ook over zichzelf, helemaal kwijt was en dat hij bij het EK in Spanje zeer eenzaam was. Maar hij zei ook dat hij zich door de zes 'muiters' gechanteerd voelde en dat het 'helden van de deurknop' waren ("hij weg, of wij weg").

Jazet

Jazet, goed voor 286 interlands, wil niet al te veel woorden meer vuil maken aan Bellaart. "Hij is voor ons een gesloten boek. Zijn naam wordt niet meer genoemd. Na zijn laatste uitspraken over het EK hebben we in de spelersgroep de film nog wel even teruggedraaid. Met een van zijn conclusies zijn we het roerend eens: hij luistert slecht. Bovendien spreekt hij zichzelf voortdurend tegen. En die opmerking over de deurknopgeneratie? Ach, Joost heeft willen natrappen, maar hij wist niet hoe en tegen wie. Bellaart is geen onderwerp meer bij Oranje."

Dissidenten

De zes dissidenten (naast Jazet, Delmee, Geeris, Vogels, Van der Weide en Lomans) zijn weer volwaardige internationals. Ook de wrijving die er rond de kwestie-Bellaart onderling zeker was - tussen jong en oud, tussen sterspeler Teun de Nooijer en de bende van zes - is volgens Jazet helemaal verdwenen. "We hebben gezamenlijk een nieuwe start gemaakt. Als kerels hebben we elkaar alles vergeven. Meer dan ooit beseffen we nu dat we elkaar hard nodig hebben om het gemeenschappelijke doel te bereiken: olympisch goud."

Athene 2004

Jazet, die in 1990 zijn debuut maakte in het Nederlands elftal, wil bij Athene 2004 op jacht gaan naar zijn derde olympische titel op rij. Maar eerst moet het grote Oranje zich nog plaatsen bij het olympisch kwalificatietoernooi in Madrid (2-13 maart). Het is geen al te moeilijke opdracht: voor zeven van de twaalf deelnemende landen ligt een olympisch startbewijs klaar.

"Toch is het toernooi voor ons geen verplicht nummer", benadrukt Jazet, die door de nasleep van een (nieuwe) knieblessure voorlopig minder dominant bij Oanje is dan gewoonlijk. "Alle landen strijden voor hun laatste kans. Dat kan leiden tot rare wedstrijden en vreemde uitslagen. Maar als wij ons normale niveau halen, mag kwalificatie geen probleem zijn."