AMSTERDAM - Met de vijfde competitiezege op rij speelde Ajax zich zondag terug in de titelrace. De Amsterdammers profiteerden tijdens het thuisduel met RKC Waalwijk (3-0) van het puntenverlies van concurrenten als PSV en FC Twente.

De euforie in de Arena was groot toen de tussenstanden van PSV en FC Twente op het scorebord verschenen.

De fans zijn nog niet vergeten hoe Ajax vorig jaar vanuit een kansloze positie alsnog de dertigste landstitel veroverde. Toch gaf het spel van de thuisclub weinig reden voor optimisme.

Ajax voetbalde vooral voor rust in een veel te laag tempo. Het gemis van de gekwetste Miralem Sulejmani en Derk Boerrigter liet zich ook weer voelen.

Lorenzo Ebecilio en Aras Özbiliz zorgden op de flanken voor te weinig gevaar. Zij leden bovendien te veel balverlies.

De Jong

Ajax kwam na 26 minuten op voorsprong door Jan Vertonghen, die na een hoekschop van Theo Janssen raak schoot.

De laatstgenoemde Arnhemmer was de enige basisspeler van Ajax die in het verleden niet in de jeugd van Ajax speelde.

Hij had een basisplaats, omdat Siem de Jong in plaats van Dmitri Bulykin als spits begin.

De Jong acteert liever op het middenveld, maar bewees na 54 minuten wel dat hij soms aan een kleine mogelijkheid voldoende heeft.

Hij profiteerde van een foutje van Adil Auassar door de bal in het uiterste hoekje van het doel te schieten: 2-0.

Nemeth en Castillion

De Jong brak met zijn treffer het laatste beetje verweer van RKC Waalwijk, dat niet kon beschikken over de geblesseerde Krisztian Nemeth en Geofrrey Castillion.

Ebecilio, op aangeven van invaller Bulykin, bepaalde de eindstand op 3-0.