Nooit geweten dat zwemmen een vechtsport was. Ik dacht dat het iets was voor lieve jongens en meisjes met roze gelakte vingernagels.

Zwemmen, dat was giecheldegiechel twee baantjes op en neer en daarna in koor "Toppiejoppie!" in de microfoon zwijmelen. Maar daar blijkt niets van waar te zijn.

Deze week las ik het verhaal van de Australische zwemster Alicia Coutts. Die biechtte op dat ze pas geleden door een concurrente was geslagen in de kleedkamer. Alicia kreeg eerst een elleboog op haar kin, daarna nog een in haar buik. En o ja, ze was ook nog in haar gezicht gespuugd.

Ik heb het even gecheckt bij Femke Heemskerk. Volgens haar was het vrij normaal. Er wordt bij zwemmen wel vaker een tik uitgedeeld voor de wedstrijd. Valt onder het kopje intimidatie. En misschien, zei ze, was dat elleboogje wel per ongeluk uitgedeeld. Bij het opzetten van de zwembril bijvoorbeeld. Blijkbaar zetten sommige zwemmers hun bril enorm onhandig op.

Smerige streken bij het zwemmen: het verraste me. In positieve zin. Ik heb nooit geweten dat er voor de wedstrijd allerlei sneaky trucs worden uitgehaald om de concurrentie uit het lood te slaan, maar ik kan het alleen maar toejuichen. Topsport betekent dat je de rand op zoekt - ook vóór de wedstrijd.

Luizige acties

Ook het publiek profiteert van luizige acties. Hoe hatelijker sporters tegen elkaar doen, hoe mooier de sport. Intriges zorgen ervoor dat we met een ander oog naar zwemmen kijken, en niet alleen naar acht gemutste kloontjes die naast elkaar door het water klieven. We hebben helden nodig, maar ook boeven en monsters.

Luis Suarez die weigert de hand van Patrice Evra te schudden: het is puur genieten. Dat is topsport zoals het hoort - hard tegen hard. Niks vriendjes. Niks handjeschudden. Niks toneelspel voor de camera's.

Suarez geeft Evra geen hand omdat hij hem een eikel vindt. En andersom. Die ene actie zet alles op scherp. Je weet het zeker als toeschouwer: dit wordt een heerlijke pot.

Met intimidatie kun een wedstrijd winnen voordat-ie begonnen is. Ex-Wimbledonverdediger Vinnie Jones begon al met schoppen, spugen en schelden in de catacomben. Hij had nergens respect voor.

Zelfs niet voor het legendarische bordje This Is Anfield dat in de spelerstunnel van het Liverpoolstadion hing. Vinnie pakte een stift en schreef er So Fucking What? onder terwijl het hele elftal van Liverpool trillend van angst toekeek. Wimbledon stond meteen met 3-0 voor.

Genadeloos

Het gevecht vóór de wedstrijd is soms zelfs veel leuker dan de wedstrijd zelf. De bokspartij tussen Vitali Klitschko en Dereck Chisora van afgelopen zaterdag haalde het niet bij het gevecht dat ze voor de wedstrijd voerden.

Tijdens de persvoorstelling sloeg Chisora Klitschko in zijn gezicht, Klitschko staarde zo genadeloos onaangedaan terug dat Chisora al kansloos was voordat de eerste bel had geklonken.

Sport is geen oorlog, maar een beetje haat en nijd tussen de strijdende partijen is wel zo leuk. Zonder dat is sport verloren. Dat toonde de Noorse schaatser Havard Bokko deze week aan. Vlak voor het WK allround hoorde ik hem 'veel succes' tegen zijn vriend (?) Sven Kramer stamelen.

Hij had net zo goed meteen kunnen opgeven. Je grootste concurrent veel succes wensen - dat is pas onsportief.

Doe mij dan maar een onhandig opgezette schaatsbril.