Riskant: tribunes vernoemen naar mensen die nog leven. Voor de zekerheid gaf FC Groningen de Koeman-tribune geen voornaam.

“Een eer”, zei Ronald Koeman vrijdag in De Kuip over de Koeman-tribune die FC Groningen zou openen, pal voor de aftrap tegen Koemans Feyenoord.

“We zijn daar trots op als familie. Ik vind het vooral mooi voor mijn vader die 73 jaar is en nog steeds bij de club rondstruint. Euroborg is een echt stadion met een goede sfeer, dus ik kijk er naar uit om daar zondag op bezoek te gaan.”

Kadaverbak

Inmiddels weten we hoe leuk het voor Ronald Koeman was, zondag in de Euroborg: de Groningen-supporters stampten de Koeman-tribune bijna een meter de klei in, zo vaak stonden ze erop te juichen.

De Koemannetjes zaten te kijken alsof er zojuist geen tribune, maar een kadaverbak voor kleine huisdieren naar ze was genoemd. Het groen-witte hart van vader Martin juichte, maar toen zag hij Ronald (hoofdschuddend in de bezoekersdugout) en Erwin (werkloos en zuchtend op de tribune) en dacht hij: van mij krijgen de tv-camera’s geen glimlachje.

Je moet het ook gewoon niet doen: tribunes vernoemen naar voetbalmensen die nog leven. Dat kan zo’n tribune alleen maar ongewenste connotaties opleveren.

Af te taaien

Ik zou, als Groningen-supporter, de naam Koeman-tribune bijvoorbeeld als een vrijbrief zien om bij slechte resultaten altijd tien minuten voor het eind van de wedstrijd af te taaien. Dat wil je niet als club: dat het volk op de Koeman-tribune bij 0-2 als één man opstaat en richting de uitgang schuifelt, mompelend dat men een trein moet halen die maar één keer gaat.

De echte clubspeler is een bedreigde diersoort geworden: “Deze club zit in mijn hart, ik houd van de fans en ik ben een zoon van deze stad, dus ik ga zéker niet in de winterstop weg, hoewel je het natuurlijk nooit zeker weet in de voetballerij.” Curieuze tribunevernoemingen zijn er het logische gevolg van.

Bij AGOVV Apeldoorn openden ze in 2007 een Klaas-Jan Huntelaar-tribune. De spits, op dat moment 24 jaar oud, was misschien al weer vergeten dat hij één seizoen op huurbasis voor AGOVV speelde, als afgedankte PSV’er op zoek naar een eredivisieclub.

Clochard

Toen Huntelaar in Apeldoorn zijn naam zag staan op een golfplaten fietsenstalling achter een van de doelen, schrok hij zo erg dat hij zonder landstitel Amsterdam verliet om jarenlang als clochard onder bruggen in Madrid en Milaan te bivakkeren. Pas daarna, in Gelsenkirchen, begon hij weer ballen in doelen te schoppen.

Het nieuwe FC Zwolle-stadion heeft een Henk Timmer-tribune. Die keepte weliswaar bijna driehonderd wedstrijden voor Zwolle, maar toch zeg ik: wacht daar nou even mee tot de beste man het tijdelijke voor het eeuwige heeft verruild en hij de club niet meer in verlegenheid kan brengen.

Je weet immers maar nooit wat ze je na het eresaluut nog flikken. Ze kunnen met 5,3 promille alcohol in hun bloed een banketbakkerij binnenrijden, met een dildo op hun hoofd een carnavalssingle maken, trainer van FC Horst uit Ermelo worden - of nog gekker.

Bartina's billen

Wat dat betreft heeft FC Volendam het slim bekeken: daar zijn tribunes genoemd naar Jaap Jonk en Jaap Bond. Daar val je je geen buil aan, want niemand weet wie dat precies zijn: zo heten er altijd wel een stuk of vijf bij Volendam.

Het was slim van FC Groningen om de Koeman-tribune voor de veiligheid geen voornaam te geven. Nu mag je zelf weten of je bij het lezen van de tribunenaam aan Martin, Erwin, Ronald of voor mijn part de billen van Bartina wilt denken.

Als er ooit nog een tribune specifiek naar Rónald Koeman wordt genoemd, laat het dan een tribune zijn die je heel gemakkelijk kunt inklappen en elders weer opzetten, en zonder grondverf in elke gewenste kleurencombinatie kunt overspuiten.

Zo’n Ronald Koeman-tribune zou bijvoorbeeld tegenover de Ruud Gullit-tribune kunnen liggen, als onderdeel van het desgewenst midden in een seizoen verplaatsbare Leo Beenhakker-stadion.