WIJK AAN ZEE - Niets is zo onheilspellend voor een schaker als een totaal gewonnen stelling uit handen geven. Jan Timman weet er over mee te praten. Het overkwam hem geregeld in zijn loopbaan, ook in de hoogtijdagen toen hij achter Karpov als nummer twee van de wereld 'the best of the west' was.

Woensdag overkwam het hem weer; in Wijk aan Zee, een grand slam in de schaakwereld die hij twee keer op zijn naam bracht, in 1981 en '85. Met wit stond hij in de vierde ronde totaal gewonnen in het prestigegevecht tegen Loek van Wely. "Ik had de nul al geteld", gaf Van Wely ronduit toe. Timman wilde echter meer. Hij wilde Van Wely op het bord 'vermoorden'. Hij liet emoties toe waar koele berekening noodzakelijk was en bracht zoals wel vaker in het verleden zichzelf om zeep.

Duf konijn

Na zijn 40e zet overzag hij de ruïne en gaf zwaar aangeslagen onmiddellijk op, tot verrassing van Van Wely. "Ik ben niet trots op mijn spel", bekende de winnaar, "wel op het resultaat. Ik zat als een duf konijn achter het bord en zag weinig. Mijn stelling zag er constant verdacht uit. Timman had zijn kansen maar vergooide die." Het was zijn negende overwinning op Timman in de 29e ontmoeting. Timman won elf keer en had woensdag het dozijn moeten volmaken.

Bloeddorstig

De vierde ronde was een bloeddorstige in Wijk aan Zee. In vijf van de zeven partijen in de A-groep viel een beslissing. Dat had zes moeten zijn maar Ivan Sokolov liet koploper Leko ontsnappen naar remise. De 35-jarige grootmeester uit Oegstgeest miste het killersinstinct om het voormalige Hongaarse wonderkind op te knopen. Door alle schermutselingen ontstond er een kopgroep van vijf: Anand, Leko, Kramnik, Adams en Topalov met 2,5 uit vier. Het peloton met Van Wely en Sokolov volgt op een half punt. Timman sluit de rij met een uit vier.

Wijn tegen de spanning

"Jan had anderhalf punt meer kunnen hebben", rekende Van Wely voor. "Tegen Leko stond hij goed tot zeer goed, misschien zelfs gewonnen. Tegen mij domineerde hij de hele partij om die in de eindfase pardoes weg te geven. Ik was er zelf compleet door verrast." Met zijn 52 jaar is Timman verreweg de oudste grootmeester in de A-groep. Hij wordt op 15 jaar gevolgd door Barejev met zijn 37 jaar. Bovendien is de Amsterdammer een schaker van een uitstervend ras, een bourgondiër die graag een goed glas wijn drinkt om de spanning te lijf te gaan.

Zijn laptop, een onmisbaar attribuut in het hedendaagse schaak, is geregeld defect. Hij heeft er een hartgrondige hekel aan zich uitputtend voor te bereiden op grote toernooien. Waar Van Wely zich zes weken met zijn secondant Tsjoetelov terugtrok in de Ardennen en als een monnik leefde (slapen, schaken, sporten), blies Timman in Amsterdam het stof van zijn openingsrepertoire en bekeek hij enkele modieuze varianten. Hij zag een licht stijgende lijn in zijn spel en vermoedde de dagelijkse, lange zit achter het bord wel aan te kunnen.

Inzinking

In de Moriaan blijkt Timman, net als vorig jaar, tegen het einde van het vierde uur als de spanningen door de tijdnood hoog oplopen, bijzonder kwetsbaar en wordt hij overvallen door concentratiestoornissen. Tegen Van Wely werd zo'n inzinking hem fataal. Hij had de genadeklap binnen handbereik toen hij op de 37e zet met het stukoffer (Pxg7) zijn intuïtie vrij spel gaf. Het was een misrekening van jewelste. Van Wely hoefde niets te verzinnen om zich het volle punt toe te eigenen.

"Hoe is het mogelijk", stamelde Timman met rood aangelopen gezicht. "Ik stond totaal gewonnen." Dat stond hij vorig jaar ook tegen Radjabov. Hij verloor op dramtische wijze en leed acht nederlagen op rij. Met 2,5 uit dertien liep hij tegen zijn dieptepunt in Wijk aan Zee aan. Het verlies tegen Van Wely was even dramatisch en even onheilspellend.