In de derde divisie van Engeland scoorde dit weekend een keeper met een verre uittrap. Geinig. Maar er is maar één Oscar Zijlstra.

Je hoort mij niet zeggen dat het de gewoonste zaak van de wereld is: een keeper die scoort met een verre uittrap. Iain Turner deed het dit weekend namens Preston North End, tegen Notts County, in de Engelse League One. Bijzonder.

Maar toch was die van Cambuur-legende Oscar Zijlstra in alle opzichten mooier. We schrijven 9 november 1985, Cambuur – Willem II, 21e minuut. Hier zijn de beelden.

Laten we eerst de uittrappen vergelijken. Zijlstra trapt de bal veel hoger de lucht in dan Turner. Bovendien stuit de uittrap van Turner tweemaal binnen het speelveld voor hij de doellijn passeert, terwijl Zijlstra’s trap er bij de tweede stuit al in zit.

Droogklotig

Zoomen we vervolgens in op het juichen. Turner reageert kalm, een beetje droogklotig eigenlijk. Dat kost punten, net als het feit dat zijn teamgenoten hem professioneel bespringen alsof hij een ‘gewone’ doelpuntenmaker is.

Nee, dan Zijlstra. Die denkt: niks ingetogen, dit is míjn moment. Hij steekt zijn beide armen recht de lucht in en voelt zich zichtbaar koning van Leeuwarden. Je kunt zíen dat Zijlstra het niet gewend is: doelpunten vieren.

Hij weet dat dit moment het hoogtepunt van zijn carrière is en juicht niet als een spits die net een goaltje heeft meegepikt, maar (om in Leeuwarder sferen te blijven) als een schaatser die de Elfstedentocht heeft gewonnen.

Schitterend ook hoe Zijlstra wordt opgetild door de eerste ploeggenoot die ter plaatse arriveert (Mark Payne, met dank aan het archief van het Friesch Dagblad). Niet soepeltjes, maar een beetje zoals een grote zus van zeven jaar haar kleine broertje van vier naar huis zeult.

Romantiek

Het doelpunt van Iain Turner is in haarscherpe beeldkwaliteit vastgelegd door de BBC, zoals dat gebeurt met ongeveer álle doelpunten in Engeland. Niks bijzonders aan.

Rond de treffer van Zijlstra hangt romantiek. In 1985 waren vrijwel nooit camera’s bij wedstrijden in de eerste divisie aanwezig, en zeker niet bij Cambuur, dat aan een belabberde jaargang bezig was en het seizoen zou eindigen als nummer laatst van het profvoetbal.

Dat Oscar Zijlstra’s legendarische uittrap is vastgelegd en in 2007 kon worden uitgeroepen tot mooiste Cambuur-treffer ooit, is te danken aan video-amateur Dick Lamsma, die toevallig op de tribune zat, toevallig zijn camera bij zich had én toevallig het opnameknopje indrukte toen Zijlstra ging uittrappen.

Het is een kwalitatief slecht filmpje, maar bepaald geen slecht camerawerk: Lamsma realiseert zich instinctief dat hij niet onbeheerst de baan van de bal moet volgen, maar de kijker beter over de grond naar het Willem II-strafschopgebied kan leiden, om de bal daar weer het beeld te laten binnenploffen.

Zodra het doelpunt een feit is, het publiek begint te juichen en spits Willem van der Ark verbluft de bal uit het net haalt, realiseert Lamsma zich dat hij als de bliksem terug moet naar Zijlstra, de held van zijn opname. Hij zwenkt beheerst maar snel: snel genoeg om ons het prachtige onderonsje van de doelpuntenmaker en Mark Payne te schenken.

Zijlstra, geboren Liwwadder, werd pas op zijn 27e semiprof bij Cambuur en bleef, tot een hernia hem in 1987 dwong zijn carrière te beëindigen, fulltime werken. Bij slachthuis Brada.

Kistemaker en Korbach

Hij begon elke ochtend om zes uur. Dan had hij er dikwijls al een uurtje training op zitten, met Simon Kistemaker of later Fritz Korbach. Om drie uur zat zijn werkdag erop. Dan reed hij meteen weer naar Cambuur voor de middagtraining.

En dan heb ik de mooiste details nog voor het laatst bewaard: ten eerste die magistrale snor en ten tweede het feit dat die grote slagers- en keepersklauwen (rouwranden van geronnen abattoirbloed én Cambuur-blubber onder de nagels) ‘s avonds kanaries verzorgden.

Dat was Oscar Zijlstra’s hobby: kanariepietjes. Naar verluidt had hij een prachtige collectie. Nog steeds, denk ik. Hoop ik.

Beste Iain Turner, al knal je er vanaf nu elk weekend een uittrap in: zo groot als Oscar Zijlstra zul je nooit worden. Nooit.