Tja. En toen was er niets meer. Geen huilende Aussie in de gele trui. Geen dagelijkse show van Titi Voeckler. Geen commentaar van Sjonnie Hoogerland over die ene of die andere kutberg.

Geen ge-oink van de broertjes Schleck. Geen pief paf poef van El Pistolero. Geen sprintende worstenbeentjes van Mark Cavendish. Geen Tour de France meer.

Die stomme Champs-Elysées ook. Een paar rondjes tuffen rond de Arc de Triomphe en toen was alles ineens klaar. Zomaar. Als een plens ijswater over je kop. Het zou verboden moeten worden.

Ik wou dat Parijs altijd ver bleef. Ik wou dat het nooit maandag werd. Of in elk geval niet de maandag ná de Tour - een rustdag-maandag tijdens de Tour is al erg genoeg. Het zal wel klinken als moderne slavernij, maar stiekem vind ik dat nul rustdagen al meer dan genoeg is.

Per jaar welteverstaan. De Tour heeft namelijk één groot probleem: dat-ie maar drie weken duurt. Dat er een einde aan zit.

Meejanken

De Tour kijk je niet, die leef je. Van meejanken met Cadel tot meejuichen met Cav: het slokt tv-kijkers en toeschouwers op zoals Thor Hushovd een rendier en een paar Franse vluchters verorbert bij zijn ontbijt. Drie weken lang word je verteerd - totdat je ineens wordt uitgepoept. Wat er overblijft is een stinkend hoopje, verdwaald in een Tourloze wereld.

Waar moet je op je werk over praten nu de Tourtoto geen gespreksonderwerp meer is? Wat moet je zeggen tegen je buurvrouw in de rij bij de supermarkt? Waar heb je het over in de trein? Als sla je me dood, ik weet het niet. Moet je het hebben over wie of wat er nu weer is weggestemd bij Feyenoord? Over hoe erg het is van Amy Winehouse? Of over het weer of zo?

Goh het is wat het met die zomer - nou - het lijkt wel herfst - tja - poeh hé - het is wat - (…) - (…). Misschien is het beter om je mond maar helemaal te houden. Voor je het weet zit je over het echte leven te praten.

Leuke rondemiss

Ik weet niet meer wat ik overdag moet zonder een etappe tussen twee willekeurige Franse dorpjes op mijn televisie. Wat deed ik vroeger tussen twee en zes? Hoe kwam ik de dag door zonder klassementen en rugnummers?

Zonder Jérémy Roy in de aanval en Danny Pate op kop van het peloton? Zonder te weten hoe de hechtingen van Sjonnie het hielden? Zonder die ene leuke rondemiss met haar wit-met-rode-stippeltjes-pakje? Zonder Herbert D. en zijn Grote Kastelenboek? Waar moet je je aan vasthouden als er geen start en geen finish is?

Dubbele kaakverrekking

Ik heb maandag geprobeerd mezelf te vermaken zonder Tour. Verder dan koekeloeren naar een sapcentrifuge op Teleshopping kwam ik niet. Ik verveelde me een dubbele kaakverrekking. De dag duurde een eeuw. Minstens.

's Avonds voelde ik me zoals Robert Gesink nadat hij met zeventig per uur van zijn fiets was gestapt: alsof er een kudde Johan Derksens over me heen was gestampt. Ze zeggen dat de Tour zwaar is, maar één dag zonder Tour is nog veel zwaarder. Nog elf maanden zonder Tour. Mijn god. Dat overleef ik nooit.