In mei 2007 was Jan-Cees Butter als vakantieganger aanwezig in San Siro bij de huldiging van AC Milan, dat twee dagen daarvoor de Champions League had gewonnen.

Door Hendrik Meijnders

Via een groot scherm werden ruim 60.000 toeschouwers, in afwachting op hun Milan, vermaakt met beelden uit de clubgeschiedenis.

Helden als Gianni Rivera en Franco Baresi kwamen voorbij, maar het stadion raakte pas echt in vervoering bij de beelden van Ruud Gullit, Marco van Basten en Frank Rijkaard. Butter kreeg kippenvel van deze adoratie en besloot een boek te schrijven over de Hollandse gloriejaren van AC Milan.

Revolutionaire succescoach

Ruim drie jaar later is dat boek af. In chronologische volgorde is te lezen hoe het de Nederlanders verging in hun Italiaanse jaren tussen 1987 en 1995. Maar ook over de revolutionaire succescoach Arrigo Sacchi en clubvoorzitter Silvio Berlusconi is van alles te lezen.

Zoals die keer in 1986, toen Berlusconi na de contractonderhandelingen met Gullit en Van Basten voor het Amstel Hotel hielp om de auto van zaakwaarnemer Apollonius Konijnenburg aan te duwen.

Andere anekdotes die de moeite waard zijn: Gullit die gebeten wordt door het hondje van de clubarts, vertrouwensman Ted Troost die wordt ingevlogen richting Belgrado om Milan te redden en Rijkaard die tijdens een training in slaap valt op de schouder van Van Basten.

Monogamie

Wat opvalt zijn de details, verweven door het boek heen. Veelal nietszeggend, wél leuk. Van Basten reed in Milaan een Lancia Thema en Rijkaard sliep op trainingscomplex Milanello op kamer 15, waar hij naar R.E.M. luisterde en filtersigaretten rookte. En van Gullit weten we nu dat hij toen geen man van de monogamie was. Al blijft die laatste een ‘glad-ijs-constatering.’

Hoewel de auteur meerdere hoofdpersonen uit die tijd sprak, ontbreken de drie hoofdrolspelers.

Geen ramp (ook geen verrassing trouwens), maar de breuklijn tussen non-fictie en fictie wordt af en toe wel heel smal op het moment dat gedachtes en gevoelens van juist hun drie worden opgetikt. Dat komt dan zelfs wat armoedig over, terwijl de informatie ongetwijfeld zal kloppen, want verkregen via diegenen die het weten kunnen. Toch?

Arbitrair

Wat overheerst is leesplezier. Het besef dat Gullit, Van Basten en Rijkaard bij AC Milan iets unieks en eeuwigs hebben neergezet kan niet genoeg benadrukt worden.

Dat Butter het team van toen ‘het perfecte elftal’ noemt blijft arbitrair. Succesvol waren ze, met zestien (!) prijzen, in ieder geval zeker.

Cijfer: 7

Het perfecte elftal
De Hollandse gloriejaren van AC Milan

Uitgever: Amstelsport
Auteur: Jan-Cees Butter
ISBN-nummer: 978-90-482-0060-3
Pagina’s: 207
Prijs: 18,95 euro