PAPENDAL - Minder dan een jaar voor de Olympische Spelen in Athene staan de vergoedingen voor de Nederlandse topsporters met een A-status bij sportkoepel NOCNSF zwaar onder druk. De toename van het aantal sporters dat gebruik maakt van de zogeheten stipendiumregeling en het uitblijven van meer financiële steun van het ministerie van VWS voor die regeling kan op korte termijn al grote gevolgen hebben voor de sporters.

"Als er niets gebeurt moeten we of snijden in het aantal sporters met een A-status of snijden in hun vergoedingen. Dat laatste is uitermate triest in een jaar van de Olympische Spelen. Een jaar waarin topsporters zich fatsoenlijk proberen voor te bereiden op dat evenement", stelt Marcel Sturkenboom, binnen sportkoepel NOCNSF verantwoordelijk voor de topsport.

Lukken

Staatssecretaris Ross-Van Dorp van VWS probeert meer financiële middelen voor de stipendiumregeling vrij te maken. Dat is haar echter nog niet gelukt en het is zelfs zeer de vraag of ze dat ooit voor elkaar gaat krijgen. Van de regeling maken momenteel zo'n 200 sporters gebruik, een aantal dat volgend jaar groeit naar zo'n 275.

De regeling is er sinds 2001 en is bedoelt als financiële ondersteuning voor topsporters met een A-status, die niet of onvoldoende in het eigen onderhoud kunnen voorzien. Maandelijks krijgen die topsporters een toelage van 70 procent van het minimumloon en een onkostenvergoeding. Het Fonds van de Topsporters is verantwoordelijk voor de uitvoering. Het fonds is echter bijna leeg, terwijl de vraag blijft groeien.

Athene

NOCNSF en Ross-Van Dorp hebben al intensief gesproken over een nieuwe regeling met meer financiële armslag. NOCNSF zou voor /2004 een extra bedrag vrijmaken, evenals VWS. De bewindsvrouw heeft daarvoor op het ministerie nog geen groen licht gekregen. En de situatie is minder dan een jaar voor Athene nijpend.

"Concreet", zegt Sturkenboom, " zou het kunnen betekenen dat we in de onkostenvergoeding van de betrokken topsporters volgend jaar procent moeten schrappen. In een olympisch jaar is dat onacceptabel."

A-status voor wie?

NOCNSF maakt zich grote zorgen. De discussie over wie nu eigenlijk een A-status moet krijgen, staat voor later op de agenda. Na 2004 moet duidelijk worden wie met recht aanspraak kan maken op de mogelijkheden en faciliteiten van het Fonds van de Topsporter.

"Het lijkt erop dat we aan het doorschieten zijn. Je kunt je afvragen of de A-sporter in het zweefvliegen dezelfde steun moet krijgen als een A-sporter in het wielrennen. Wie fulltime bezig is, moet een fulltime-bijdrage krijgen. Een terugkeer naar de 'strippenregeling' is mogelijk. Dat betekent een bijdrage voor het aantal dagen dat je actief met je sport bezig bent."