ZAGREB - De Nederlandse waterpolosters zijn er niet in geslaagd de finale van het Europees kampioenschap in Zagreb te bereiken. Oranje verloor woensdagavond in de halve eindstrijd met 10-7 van Rusland. De periodestanden waren 3-1, 3-3, 2-1 en 2-2.

In de strijd om brons treedt de ploeg van bondscoach Mauro Maugeri vrijdag aan tegen Italië. De Russinnen, die Nederland op het WK van 2009 ook al de baas waren, toen in de kwartfinale, spelen om de titel tegen Griekenland en beginnen als favoriet aan het slotstuk.

Slotoffensief

Nederland werd in de Kroatische hoofdstad niet weggespeeld, maar keek wel voortdurend tegen een achterstand aan. Pech tijdens het slotoffensief in het laatste kwart - schoten tegen lat en paal - voorkwam dat de spanning nog terugkeerde.

Maugeri maakte er zich boos om, zoals hij dat ook kon doen bij de gemiste kansen, vooral ook in een overtalsituatie. Daarvan profiteerde Oranje, met een gemiddelde leeftijd van 22,7 jaar erg jong, onvoldoende.

Iefke van Belkum was topscoorster met drie treffers, maar haar schotpercentage was niet geweldig.

Dat gold ook voor het andere 'kanon' van Oranje, Mieke Cabout, die tweemaal doel trof. Yasemin Smit en Biurakn Hakhverdian gooiden ieder een keer raak. Ekaterina Prokofjeva (3) was de trefzekerste Russin.

Tegenvaller

Het verlies was misschien niet onverwacht, maar toch een tegenvaller. ''Shit'', reageerde Noeki Klein op de waterpolosite Man Meer.

''Maar ik denk wel dat zij de betere ploeg waren. We begonnen niet goed geconcentreerd en voerden de taken niet goed uit. En dat terwijl we dachten dat die regenbui in ons voordeel was. Wij zijn flexibeler. Zij werken meer volgens vooropgezette plannen.''

De Rijswijkse beloofde alles in het werk te stellen brons te halen. ''Tuurlijk. Van deze ploeg heeft nog niemand een EK-medaille gewonnen.''