Bellaart blijft bondscoach

UTRECHT - Met bondscoach, maar zonder zes vooraanstaande internationals moet het Nederlands mannenteam zich komend jaar kwalificeren voor de Olympische Spelen in Athene. Bondscoach Joost Bellaart bleek vrijdag de steun te hebben van het bestuur van de hockeybond. De zes spelers die deze week zijn vertrek hadden geëist, trokken daarop hun conclusies.

Samen is het zestal goed voor 1205 wedstrijden in Oranje. De interlandloopbaan van Sander van der Weide (173), aanvoerder Jeroen Delmee (265), Erik Jazet (283), Bram Lomans (177), doelman Guus Vogels (129) en Piet Hein Geeris (178) eindigde vrijdag. Tenminste, zolang Joost Bellaart bondscoach is. "Ik hoef volgend jaar in Athene niet te gaan kijken", zei Delmee cynisch. "Ik denk namelijk niet dat er dan Nederlandse mannen hockeyen."

Gesprek

De spelers worden vooralsnog niet gesteund door de andere twaalf hockeyers die deze zomer meededen aan de Champions Trophy (winst) en het EK (teleurstellend vierde). Zij voerden vrijdag een gesprek met KNHB-voorzitter André Bolhuis en bestuurslid Koos Formsma, met tophockey in zijn portefeuille. Teun de Nooijer, ongetwijfeld de nieuwe aanvoerder, ontweek na afloop zo veel mogelijk vragen.

De zes 'rebellen' nemen het hun collega's niet kwalijk. Het bestuur verwijten ze het daarentegen des te meer. "De bond heeft blijkbaar een heel ander idee over presteren dan wij", drukte Delmee zich diplomatiek uit. "Er is voor ons in elk geval geen weg terug." Lomans: "Zodra er een nieuwe bondscoach is, ben ik weer beschikbaar. Wat als ze me straks bellen voor een lijmpoging? Dan kan ik ze uitlachen."

'Niet rancuneus'

Bellaart zei vrijdag niet rancuneus te zijn. De 52-jarige Amsterdammer, aangesteld na de Olympische Spelen van 2000, blijft zijn functie vervullen tot en met Athene 2004. Zijn begeleidingsstaf wordt uitgebreid met een arts, Marc Benninga, een manager, Ties Kruize, en een manueel therapeut.

"Ik ga vastberaden door", zei Bellaart. "Ik ben niet rancuneus, ook niet tegenover die zes. De toekomst zal uitwijzen of ik nog kan functioneren. Natuurlijk wordt het moeilijk zonder deze zes belangrijke spelers. Het wordt niet eenvoudig, maar ik ben ervan overtuigd dat er genoeg voorwaarden zijn om het goed te doen."

'Hysterisch'

Lomans en Delmee haalden vrijdag nog maar eens hard uit naar de trainer die in hun ogen totaal niet capabel is. "Hij brengt zijn visie tijdens de wedstrijd op een hysterische manier over", vindt Delmee. "Dat is me tijdens de laatste toernooien weer opgevallen. En hij praat op een totaal andere manier over hockey dan wij tijdens de training met Michel van den Heuvel doen", doelde Delmee op de assistent-coach, die op verzoek van de spelersgroep de veldtrainingen bij Oranje doet. "Al gelijk na de eerste trainingsperiode zagen we dat Joost niet capabel is om trainingen te geven", aldus Lomans. "Vanaf dat moment is Michel de trainingen gaan doen. We wilden Joost niet meer op het veld hebben."

Brandbrief

Het drukmiddel van de routiniers via hun brandbrief viel bij de KNHB niet goed. "We laten ons niet door zes mensen zeggen wat we moeten doen. Daar gaan we niet op in", aldus Bolhuis, die zichzelf net als Formsma verwijt dat ze Bellaart met te veel taken hebben belast. Zo fungeerde de Amsterdammer ook als manager en bondscoach zaalhockey. "Hij heeft te veel hooi op zijn vork moeten nemen", vatte Bolhuis dat samen. "Joost was de eerste die erkende dat er dingen veranderd moesten worden. Dat is nu gebeurd."

Technisch directeur Joop Alberda deed namens NOCNSF in gesprekken met Bellaart en Lomans nog een poging beide kampen tot elkaar te brengen, voorlopig vruchteloos. "Ik heb er bij allebei op aangedrongen de dialoog aan te gaan", zei Alberda. "Ik hoop dat dat nog gebeurt. Als ik daarvoor word gevraagd, ben ik bereid te bemiddelen."

NUwerk

Tip de redactie