Eric Castien schreef het boek ‘De Koninklijke – Real Madrid van Di Stéfano tot Van Nistelrooy’. Hierin geeft hij op fascinerende wijze een veelzijdig beeld van de succesvolste voetbalclub ter wereld.

Een rode draad door dit boek vormen de belevenissen van de neven Ramón en Míchel Díaz tijdens het voetbalseizoen 2008-2009. Ramón Díaz is een fanatieke Real Madrid-supporter. Hij analyseert uitgebreid ‘Los Holandeses’ die tijdens dat seizoen voor de Koninklijke speelden.
Neef Míchel Díaz is Barcelona-fan.

De manier waarop hij naar Real Madrid kijkt, staat symbool voor de manier waarop veel Catalanen en Basken naar de grootste club van Spanje kijken. Zij verafschuwen Real Madrid vooral omdat ze het zien als de club van generaal Franco. Hoe sterk dit idee 35 jaar na de dood van de dictator nog steeds leeft, blijkt wanneer de neven Ramón en Míchel in Barcelona een bar bezoeken. Als de barman het Real Madrid-shirt van Ramón ziet, reageert hij fel: 'Ik bedien geen fascisten!'

Geschiedenis

In dit boek geeft Eric Castien ook een overzicht van de geschiedenis van de club. In de eerste halve eeuw van zijn bestaan was de Koninklijke club nog niet uitzonderlijk succesvol. Dat Real Madrid toch uit kon groeien tot de grootste club ter wereld, schrijft Castien toe aan twee personen: Alfredo Di Stéfano en Santiago Bernabéu.

Alfredo Di Stéfano heeft bij de fanatieke Madrid-fans een goddelijke status. ‘Di Stéfano’s aankomst in Madrid wordt door de madridista beschouwd als het begin van de jaartelling.’ Vijfmaal op rij won hij met Real Madrid de Europa Cup I en in alle vijf finales scoorde hij. ‘Iedere nieuwe speler van Real Madrid voelt tot op de dag van vandaag de schaduw van de Argentijnse maestro.’

De naam van de succesvolle voorzitter Santiago Bernabéu kent natuurlijk elke voetballiefhebber, al was het maar omdat sinds 1955 het gigantische Real Madrid-stadion zijn naam draagt. Volgens de officiële geschiedschrijving gebeurde dit overigens tegen de zin van de voorzitter in. ‘Tot zijn dood in 1978 bleef Bernabéu de thuishaven van Real stug Chamartín-stadion noemen.’

Nederlandes

Eric Castien besteedt ook veel aandacht aan de Nederlanders die ooit onder contract stonden bij Real Madrid, van John Metgod, via Clarence Seedorf, tot en met Jeffrey Hoogervorst.
Hoogervorst is de enige Nederlandse voetballer die voor Ajax, Barcelona en Real Madrid actief was.

Al moet daarbij worden aangetekend dat hij bij deze drie clubs niet één competitiewedstrijd in het eerste elftal voetbalde. Bij Ajax speelde deze verdediger in de jeugdopleiding en bij beide Spaanse topclubs kwam hij uit voor het b-team, dat in een lagere profdivisie actief is.

Eric Castien heeft oog voor veel verschillende facetten van de succesvolste club aller tijden. Zo analyseert hij de trainers die de club heeft gehad en werpt hij een kritische blik op het ‘gezondheidscomplex Real Madrid TEC’ dat de Real-spelers op medisch gebied begeleidt.

IJdelste en arrogantste club

Real Madrid lijkt in dit boek niet alleen de succesvolste, maar ook de ijdelste en arrogantste club ter wereld. Typerend was een uitspraak van voorzitter Florentino Pérez in 2003. Zijn club had indertijd geen interesse om Ronaldinho aan te trekken, omdat hij die Braziliaan commercieel gezien volslagen oninteressant vond: ‘Welk kind wil nu in een shirtje rondlopen van zo’n lelijke voetballer?’

Titel: De Koninklijke – Real Madrid van Di Stéfano tot Van Nistelrooy
Auteur: Eric Castien
Pagina’s: 320
Uitgeverij: Amstel Sport

Bestel dit boek op Sportgeschiedenis.nl