AMSTERDAM - Deze week is Zwitserland het decor van het WK wielrennen. Daarom is het hoog tijd voor een dubbelportret van de twee grootste en fascinerendste renners die dit land voortbracht: Ferdi Kübler en Hugo Koblet.

Ferdi Kübler werd 'Le Fou Pédalant' genoemd, oftewel 'de fietsende gek'. Andere veelzeggende bijnamen waren ‘Dolle Ferdi’, ‘Duivelse Kübler’ en ‘De cowboy van de wielersport’.

Hij had een zwoegende stijl. Als hij voluit koerste, dan was zijn mond vaak rijkelijk omringd door slijmslierten. In het peloton werd indertijd gewaarschuwd: ‘Kijk uit dat je niet te dicht in de buurt van Dolle Ferdi fietst. Straks bijt hij je en dan heb jij ook hondsdolheid te pakken!'

Hugo Koblet (links op de foto, met Wim van Est) was zijn absolute tegenpool. Hij was een sierlijke stilist op de fiets. Men noemde hem dan ook ‘Le Pédaleur De Charme’ en ‘Mooie Hugo’. Volgens veel volgers was hij eigenlijk te ijdel voor de wielersport. Modder, zweet, wind en regen, dat was toch niets voor hem?

Moddervlekken


Mooie Hugo had hier echter enkele praktische oplossingen voor. Hij had altijd een kam in z’n wielershirt en vaak ook een spons om moddervlekken en zweet van z'n gezicht af te vegen. Wanneer hij alweer solo op weg was naar de winst in een wedstrijd, dan gebruikte hij die attributen veelvuldig in de laatste kilometers, zodat hij piekfijn op de finishfoto zou staan.

Zijn kam gebruikte hij ook weleens als psychologisch intimidatiemiddel, tot ergernis van zijn concurrenten. Wanneer Mooie Hugo in topvorm was en tijdens een beklimming merkte dat iedereen om hem heen pijn leed, dan ging deze dandy rustig rechtop zitten en heel hautain zijn haren kammen.

Van Dolle Ferdi werden de concurrenten ook vaak helemaal gek. Zo had hij tijdens beklimmingen de gewoonte om zichzelf hardop aan te moedigen: 'Hop Ferdi! Ga Ferdi! Haal die verdomde rotfransoos in, Ferdi!'

Kaput

De tactieken die de beide landgenoten gebruikten, waren typerend voor hun karakters. Dolle Ferdi probeerde tijdens wedstrijden zo vaak mogelijk aan te vallen, in de hoop dat hij zo iedereen ‘kaput’ kon ‘fahren’.

Mooie Hugo was daarentegen een soort Frank Vandenbroucke avant la lettre. Meermaals kondigde hij al voor de koers aan op welke plek hij zou demarreren, en ja hoor, daar reed hij dan ook weg van iedereen.

Dankzij het illustere duo Kübler & Koblet beleefde de Zwitserse wielersport rond 1950 ongekende gloriejaren. Kübler won de Tour in 1950, Koblet in 1951. Kübler werd wereldkampioen en won viermaal het eindklassement van de toenmalige wereldranglijst, de Challenge Desgrange-Colombo. Koblet won in 1950 als eerste niet-Italiaan de Giro.

Armoede

Ooit begon Ferdi Kübler met wielrennen om de bittere armoede waarin hij opgroeide, te ontvluchten. Dat is hem ruimschoots gelukt. Momenteel is Kübler als 90-jarige de oudste nog levende Tourwinnaar. ‘Ferdi National’ is nog steeds één van de populairste ex-sporthelden van Zwitserland.

De populariteit van Hugo Koblet nam tijdens zijn carrière ook immense vormen aan. Heel Zürich liep in 1954 uit voor zijn sprookjeshuwelijk met het wereldberoemde fotomodel Sonja Buehl. Mooie Hugo leek de Zonnekoning van Zwitserland.

Koblet hield ervan om bewonderd te worden. Als hij na zijn carrière in een café herkend werd door fans, dan gaf hij hen altijd een rondje. En nog een rondje. En nog een rondje. Ondertussen hoorde hij glimlachend aan, hoe zijn fans hem bewierookten.

Fiasco

Achter de eeuwige glimlach van Mooie Hugo gingen echter verschillende drama’s schuil. Tijdens zijn wielercarrière kreeg hij last van een ernstige nieraandoening, waardoor hij nooit meer zijn topvorm uit ’51 kon evenaren.

De zakelijke carrière die hij na z’n wielerloopbaan begon, werd een financieel fiasco. Hij zou nooit z’n draai vinden in een leven zonder fiets. Weemoedig dacht hij later terug aan zijn glansjaren als coureur: ‘het wielrennen dat me sloopte, was wel de hevigste en fijnste periode uit mijn leven. De verschrikkelijkste inspanningen gaven me toch de schitterendste voldoening.’

In die latere jaren was zijn sprookjeshuwelijk met de beroemde mannequin ook al lang geen sprookje meer. Z’n vrouw wilde van hem scheiden. Op een ochtend in het najaar van 1964 bezocht Hugo zijn vrouw, voor een laatste poging om hun huwelijk te redden. Die poging mislukte. Later die dag reed de 39-jarige Hugo Koblet zich te pletter tegen een boom.