Carina Versloot hoorde als turnster bij de subtop van Nederland. Tot ze op een dag gruwelijk ten val kwam tijdens een oefening. Ze vocht terug. En tegenwoordig hoort ze bij de wereldtop. Maar dan in het rolstoelbasketbal.

Eddy Veerman interviewde Versloot en elf andere paralympiërs voor zijn boek ‘Was getekend'. Via deze portretten geeft hij een indringend beeld van de wereld van de invalidensport.

In het voorwoord van dit boek merkt Johan Cruijff op: ‘Om eerlijk te zijn vind ik de Paralympics soms nog fascinerender dan de Olympische Spelen. Omdat de valide sporter het van zijn talent en karakter moet hebben, terwijl een paralympiër naast talent en karakter ook nog eens een tekortkoming moet zien te compenseren.'

Medelijden
In deze portretten blijkt echter dat veel invalide sporters de spotlights het liefst zo weinig mogelijk richten op de tekortkoming die ze moeten overwinnen. Als er één ding is, waar de geïnterviewde sporters allemaal allergisch voor zijn, dan is het: medelijden met paralympische sporters. Dit boek gaat over twaalf fanatieke vechters, die zichzelf allerminst zielig vinden.

Zoals Don van der Linden in dit boek zegt: ‘We moeten af van die opmerking: goh, gelukkig dat je de sport nog hebt'. Sport is voor dit twaalftal geen aardige bezigheidstherapie. Presteren is voor hen het hoofddoel in hun leven.

Mentaliteit
Wie dit boek leest, merkt dan ook dat deze twaalf paralympiërs allemaal hun sport beoefenen met een indrukwekkende topsportmentaliteit. Zelfs als er in hun subcategorie weinig concurrentie te vinden is. Pieter Gruijters is bijvoorbeeld de onbetwiste koning van het speerwerpen in zijn handicapcategorie. Hij is inmiddels 41, maar het lijkt er op dat hij nog vele jaren de ultrafavoriet kan zijn voor de wereldtitel.

Gruijters kiest er echter voor om niet naar zijn tegenstanders, maar naar zichzelf te kijken. Zo lang hij zijn persoonlijk record blijft verbeteren wil hij doorgaan. Anders stopt hij. Ook al zou hij met mindere prestaties nog steeds internationale titels kunnen winnen.

Integratie
Verschillende geportretteerde paralympiërs dromen hardop van volledige integratie: Sportevenementen waarin valide en invalide deelnemers massaal tegen elkaar om de prijzen kunnen strijden. Kenny van Weeghel promoot bijvoorbeeld het wheelen, oftewel het racen in rolstoelen, als een sport die ook voor validen interessant is om te beoefenen:

'Ik weet, dat als je een rolstoel ziet, je dat associeert met een gehandicapte. Maar als je open minded bent en naar die rolstoel kijkt waar wij in rijden, dan zie je een sportattribuut. Die gebouwd is voor pure snelheid. Daar kunnen we állemaal in gaan zitten.'

Niet eerlijk
Don van der Linden heeft al meegemaakt dat sommige handbikewedstrijden open stonden voor zowel invalide als valide deelnemers. Hij ondersteunt in theorie zulke integratie, maar denkt dat de sport er in de praktijk niet eerlijker op wordt: ‘Hoe moet je opboksen tegen iemand met fysiek voordeel, want tenslotte hebben valide mensen meer rompstabiliteit. En behoudens je dwarslaesie heb je doorgaans meer pijn'.

Titel: Was Getekend. 12 paralympiërs
Tekst: Eddy Veerman
Fotografie: Mathilde Dusol
Pagina's: 192
Uitgeverij: De Boekenmakers

Bestel dit boek op Sportgeschiedenis.nl