ANAHEIM - Over falen wilde Frank Louter na de landenkwalificatiewedstrijd van de wereldkampioenschappen turnen in het Amerikaanse Anaheim niet spreken. Niet zolang zijn turnsters nog kans maakten om in de toptwaalf te eindigen. Een volle dag moest de bondscoach wachten eer hij zou weten of de tegenvallende score van 141,196 punten zou leiden tot olympische kwalificatie of een desillusie.

Dat laatste gaat het worden, zo veel is inmiddels duidelijk. Halverwege de kwalificatieronde was Nederland maandag al afgezakt naar de tiende plaats. Toplanden als Roemenië, China en Oekraïne moesten op dat moment nog komen. De desillusie werd nog even uitgesteld tot het definitieve moment dat nog twee landen het beter zouden doen. Maar dat hij zou komen, was maandagmiddag (lokale tijd) helder.

Gehele team

Zonder Verona van de Leur en Renske Endel ging Nederland voor minstens een punt meer. Op individuele prijzen richtten de turnsters zich niet, alles stond in het teken van de kwalificatie voor het gehele team van zes. Belandt Nederland straks in de plaatsen 13 tot en met 18, dan mogen slechts twee turnsters individueel meedoen tijdens de Spelen volgend jaar in Athene. Het werd, na vijf vallen in twintig oefeningen, een bijzonder precaire aangelegenheid.

Wishful thinking

"Ik blijf altijd hopen", kon Louter na afloop slechts melden. Hij en topsportcoördinator Willem Veldman hadden al geconstateerd dat de vrouwenkwalificatie in Arrowhead Pond was begonnen met een slagveld. Al voordat Nederland aan de slag moest waren in de eerste kwalificatieronde ontzettend veel fouten gemaakt. "Ik hoop dat dat morgen niet anders is", deed Louter in Amerika aan 'wishful thinking' nadat zijn eigen ploeg zwaargewond was teruggekeerd van het strijdfront.

Even later kreeg de coach alweer de volgende tegenvaller te verwerken; de Duitse ploeg, vooraf ingeschat rond de dertiende plaats, ging Nederland voorbij met een vol punt. Na twee van de acht sessies stonden de in nieuwe oranje pakjes gestoken turnsters al vijfde. Dat is overigens dezelfde klassering als bij de WK in Gent 2001. Alleen betrof het toen de eindklassering.

Niet stabiel genoeg

Dat het deze keer minder zou zijn, had Louter al aangekondigd. Dat was gezien de door blessures geteisterde voorbereiding ook niet gek. Van de Leur zou, als ze al kon meedoen, zeker niet op het verwachte niveau zijn. Endel, Berber van den Berg en Gabriëlla Wammes waren evenmin topfit. Louter zette Endel en Van de Leur vrijdag buiten de ploeg, aangezien zij "niet stabiel genoeg" turnden.

In het geval van Endel was die keuze te rechtvaardigen. Haar evenknie aan brug, Laura van Leeuwen, voldeed prima met een 9,237. Wat Van de Leur betreft, zal Louter nooit weten of het met haar erbij beter zou zijn gegaan.

Tegen de grond

Zeker is wel dat het met name met de ervaren Wammes helemaal niet goed ging. Zij en Nederlands kampioene Suzanne Harmes waren nu de nieuwe kopvrouwen, maar de 17-jarige Wammes liet het na een aardige sprong (9,112) volledig afweten."Drie keer bagger", oordeelde Louter vernietigend. "Meer kan ik er niet van maken." Wammes ging drie maal tegen de grond, eerst op brug, toen op balk en uiteindelijk zelfs op vloer. De scores waren drie keer een 7. "Ik weet het niet", beantwoordde ze net als Louter de vraag hoe dat kon.

Aangezien op brug junior Mayra Kroonen en op balk Van den Berg eveneens vielen, was op die toestellen steeds maar één val weg te werken. Van de vijf optredens per onderdeel tellen er vier mee.

Individueel

Het Nederlandse gemiddelde schoot daardoor naar beneden, ondanks de goede meerkamp van Harmes (36,262). Op de geschoonde lijst staat zij momenteel derde, waarmee ze een behoorlijke kans heeft op kwalificatie voor de individuele meerkampfinale (beste 24). Zelfs de vloerfinale (9,400) zou er met wat mazzel nog in kunnen zitten.

Louter, die vooraf nog blaakte van het vertrouwen, zou deze soloprestaties echter met alle liefde inruilen voor teamkwalificatie. Twee individuele startbewijzen in plaats van een olympisch ploegenticket zouden een enorme deceptie betekenen. Als dat gebeurt, kan zelfs Louter het woord 'falen' niet meer vermijden.