HILVERSUM - Directeur Jacob Kohnstam van het College Bescherming Persoonsgegevens is van mening dat de dopingregels van het wereldantidopingbureau WADA in strijd zijn met de Europese richtlijnen op het gebied van privacy.

In de actualiteitenrubriek EénVandaag riep hij dinsdag topsporters op een klacht bij hem in te dienen. Kohnstam kan dan een ,,uitspraak doen die bindend zal zijn voor hen die ermee werken''.

Tunnelvisie

Volgens de regels van WADA, die ook door Nederland zijn onderschreven, moeten topsporters 365 dagen per jaar precies aangeven waar ze zich ophouden. Dat met het oog op eventuele dopingcontroles.

Volgens Kohnstam is WADA "met een tunnelvisie aan de gang gegaan''. "Grondrechten worden maar even opzij geschoven. Alles moet wijken voor de strijd tegen doping. Dat levert Oost-Europese toestanden op van voor de val van de Muur'', aldus Kohnstam in het tv-programma.

EU Athletics

Voorzitter Yves Kummer van de Europese atletenvakbond EU Athletics gaf vorige week al aan de regels van de zogenoemde whereabouts, waarbij topsporters moeten opgeven waar ze zich op elk moment van de dag ophouden, rigide te vinden. "Het hele jaar opgeven waar je bent, is tegen de richtlijnen arbeidstijden'', zei hij toen.

Rechter

Arbeidsrechtspecialist André Joosten verklaarde in EénVandaag dat een gang naar de rechter om de regelgeving aan te vechten voor topsporters "absoluut een kans van slagen heeft''. Voor de voetbalwereld gelden de regels vanaf 1 januari.

De oppositie daar is echter groot. De internationale spelersvakbond FIFPro en EU Athletics bereiden inmiddels een rechtszaak voor over de materie.