MUNCHEN - De Italiaanse spits Luca Toni bewees vrijdagavond weer eens zijn waarde voor Bayern München. Zijn doelpunt in blessuretijd bezorgde Bayern de winst op koploper 1899 Hoffenheim: 2-1.

Die zege was niet meer verwacht voor de ploeg van aanvoerder Mark van Bommel. Bayern had het moeilijk tegen de sensatie van de Bundesliga, zeker nadat topschutter Vedad Ibisevic de dorpsclub kort na rust op een 1-0-voorsprong had gebracht.

Verdediger Philipp Lahm bracht na een uur het evenwicht terug, Toni deed in de slotfase waar hij goed in is: scoren. Bayern kwam door de overwinning in punten gelijk met Hoffenheim dat wel een beter doelsaldo heeft.

Indrukwekkend

Verdiend was de zege van de thuisploeg niet. Hoffenheim was ook in de Allianz Arena, voor 69.000 toeschouwers en miljoenen tv-kijkers, een indrukwekkend collectief dat brutaal de aanval zocht. In de tweede helft leverde dat een voorsprong op door Ibisevic, die zijn achttiende treffer van het seizoen maakte.

Bayern bleef onder druk, maar doelman Michael Rensing en verdediger Lucio voorkwamen nader onheil. Lahm schoot aan de andere kant raak. Kansen volgden: voor Hoffenheimer Demba Ba tot twee keer toe en voor Toni, een constante plaag. Frank Ribéry, de smaakmaker de afgelopen weken, kon het duel niet naar zijn hand zetten, Toni forceerde dan maar de beslissing.

"Dit was een echte topper met twee goede ploegen", meende Van Bommel. "Wie de beste is zien we aan het einde van het seizoen." Hoffenheim-coach Ralf Rangnick was ontgoocheld: "Dit is bitter. We hadden zeker een punt verdiend."