BARCELONA - Inge de Bruijn en Marleen Veldhuis hebben zich zaterdagavond bij de wereldkampioenschappen zwemmen in Barcelona gekwalificeerd voor de finale van de 50 vrij. Beide Nederlandse zwemsters hadden in de series al voldaan aan de olympische limiet van 25,55.

In de halve eindstrijd ging het nog een stukje harder. De Bruijn, wereldrecordhoudster met 24,13, dook als enige onder de 25 seconden: 24,75. Ze bleef daarmee de Australische Lisbeth Lenton en de Amerikaanse Jenny Thompson duidelijk voor. Veldhuis ging met 25,27 als vijfde over.

De Bruijn bereikte de halve finales zaterdagmorgen gemakkelijk. De snelste zwemster ter wereld (24,13) was in de series overigens niet de beste. Ze won haar heat wel in 25,26, een honderdste voor de Amerikaanse Jenny Thompson. Daarvoor had de Britse Alison Sheppard echter al 25,16 laten noteren.

'Niet voluit'

"Ik ben niet voluit gegaan, hoor", liet ze lachend weten, voordat ze zich met begeleider Benno Kuipers, assistent-coach bij TZA, uit de voeten maakte voor de verzorging van de spieren.

De Bruijns tijd op de 50 vrij was die ochtend, ook al spaarde ze zich, dik onder de olympische limiet (25,55). Marleen Veldhuis voldeed na een matige start met 25,43, vijfhonderdste boven haar persoonlijk record, ook aan de eis voor uitzending naar Athene. Ze ging als vijfde over naar de halve eindstrijd.

Madelon Baans bereikte de halve finales op de 50 school. De zwemster uit Spijkenisse benaderde in de series met 32,46 haar Nederlandse record tot op 0,15. Ze werd daarmee echter slechts vijftiende.

Toptijd

Baans, die evenals Veldhuis ook nog op moest voor de estafette, moet in staat worden geacht haar toptijd in de avonduren aan te scherpen. Een wat alerter vertrek - ze had nu een reactietijd van ,82 - brengt haar al een heel eind in de goede richting.

4x100 meter wisselslag

De Nederlandse vrouwen zijn 's avonds als zesde geëindigd op de 4x100 meter wisselslag. Hinkelien Schreuder (rug), Madelon Baans (school), Chantal Groot (vlinder) en Marleen Veldhuis lieten in de finale 4.07,73 noteren. In de kwalificatie had het viertal het Nederlands record al met ruim vier seconden aangescherpt tot 4.06,32 en daarmee voldaan aan de olympische limiet. "Geen polonaise waard, maar toch. Gezien de omstandigheden kan dat er best mee door. Vorig jaar ging het twee seconden langzamer", beoordeelde coach Jacco Verhaeren.

China werd wereldkampioen met 3.59,89. De Aziatische vrouwen, van wie er een na de race op het perron ineenzakte en een paar minuten naar adem lag te happen, bleven de teams van de Verenigde Staten (4.00,83) en Australië (4.01,37) voor.

Madelon Baans (school 1.08,59), Chantal Groot (vlinder 1.00,06) en Marleen Veldhuis (vrij 54,35) trokken uitstekend door om samen uit te komen op 4.06,32, de vijfde tijd zelfs in de series. Zou deze prestatie worden herhaald in de finale dan krijgt dit team, waarin in vergelijking met het Europees kampioenschap van Berlijn Veldhuis de plaats heeft ingenomen van Wilma van Rijn, zelfs de medaillestatus van NOCNSF.