BARCELONA - Michael Phelps ontpopt zich bij de wereldkampioenschappen zwemmen in Barcelona tot een fenomeen. De -jarige Amerikaan verbeterde vrijdagavond binnen zestig minuten twee wereldrecords op twee verschillende afstanden. Dat had nooit eerder een zwemmer gepresteerd.

Eerst zwom hij in de halve finale van de 100 meter vlinderslag een nieuwe mondiale toptijd van 51,47. Alsof die inspanning hem nauwelijks energie had gekost, verpulverde Phelps even later in de finale van de 200 meter wisselslag het wereldrecord.

Eigen tijd

Hij tikte op dit onderdeel aan na 1.56,04, bijna anderhalve seconde sneller dan zijn eigen oude toptijd van 1.57,52, die hij donderdag in de halve finale had gezwommen. Het was de tweede gouden plak voor Phelps in Barcelona.

De Amerikaanse zwemster Amanda Beard won het goud op de 200 meter schoolslag en evenaarde met een tijd van 2.29,99 minuten het wereldrecord op deze afstand. Hui Qi was twee jaar geleden in Hagzhou even snel. De Chinese moest nu op ruime afstand van Beard genoegen nemen met brons.

Rugslag

De Amerikaan Aaron Peirsol greep vrijdag zijn tweede gouden medaille. Hij won afgetekend de 200 meter rugslag in 1.55,15. Peirsol veroverde dinsdag al de wereldtitel op 100 meter rug. De Finse Hanna-Maria Seppälä is de opvolger van Inge de Bruijn als wereldkampioene op het koningsnummer; de 100 meter vrije slag. Seppälä deed dat met 54,37 wel in een langzamere tijd dan De Bruijn twee jaar geleden in Fukuoka (54,18).

Grant Hackett uit Australië greep de wereldtitel op de 800 meter vrij in een tijd van 7.43,82.