PEKING - De finale van de 4x100 meter vrije slag mannen heeft maandag in Peking twee wereldrecords opgeleverd. Zwemmers uit verschillende landen tekenden ervoor.

Eamon Sullivan was als startzwemmer van de Australische ploeg al na 47,24 seconden terug. Hij onttroonde daarmee de Fransman Alain Bernard, die in maart in Eindhoven tot 47,50 kwam.

De krachtsexplosie van Sullivan was niet genoeg voor de olympische titel op de 4x100 vrij. Die ging dankzij een sterke eindsprint van Jason Lezak naar de ploeg van de Verenigde Staten. Dat betekende tevens het tweede goud van Michael Phelps.

De Amerikanen scherpten tevens hun wereldrecord van de vorige dag, in een andere samenstelling, met vier seconden aan tot 3.08,24.

Krabbelen

Frankrijk eindigde in 3.08,32 als tweede vóór Australië (3.09,91). Uitgerekend Bernard, die in afwachting van zijn beurt Sullivan aan het werk zag, kon het als slotzwemmer niet bolwerken. Het was krabbelen in de slotfase, waardoor Lezak alsnog voorbij kwam.

De Amerikaanse routinier, aan zijn tweede jeugd bezig met dank aan het snelle zwempak van Speedo, noteerde een splittijd van 46,06. Bernard stelde er 46,73 tegenover.

Droom

Dankzij de winst bleef de droom van Michael Phelps om acht keer goud te winnen intact. Hij gaf zelf het voorbeeld door te openen in 47,51, een dik persoonlijk record. Garrett Weber-Gale en Cullen Jones deden hun werk, maar konden Fabien Gilot en Frederick Bousquet (46,63) niet voorblijven.

Lezak maakte echter alles goed. Phelps, al de beste op de 400 wissel, schreeuwde het uit van geluk.

ZIE OOK:

‘Niet makkelijker voor VDH’

Lees alles over de Olympische Spelen op peking.nusport.nl