LJUBLJANA - De Nederlandse waterpolosters hebben op het Europees kampioenschap naast de bronzen medaille gegrepen. Oranje verloor de strijd om de derde plaats van Rusland: 6-7 (1-3 4-2 1-2 -0).

De teleurstelling was groot in het Nederlandse kamp. Nadat de polosters in de halve finale net te kort waren gekomen tegen Italië (5-7), had het team van bondscoach Paul Metz moeite om zich op te laden voor de strijd om de derde plaats.

In de eerste periode nam Rusland al snel een voorsprong van 3-1. Oranje herstelde zich goed en kwam in het tweede kwart op gelijke hoogte: 5-5. Toch bleven de Nederlandse speelsters achter de feiten aanlopen. Het was steeds Rusland dat een voorsprong nam. In het laatste kwart moest Oranje dan ook een 6-7-achterstand proberen weg te werken.

Kans op kans

Nederland ging verwoed in de aanval, kreeg kans op kans, maar slaagde er niet in de Russische doelvrouw te passeren. Liefst vier keer raakte de bal het houtwerk. "Wij waren vandaag de gelukkigste", sprak de Russische bondscoach dan ook tijdens de afsluitende persconferentie.

'Camping-trainingskamp'

De polosters, die in Ljubljana wel hun A-status van het NOCNSF veiligstelden, concentreren zich nu op het WK waterpolo in Barcelona. Daarvoor gaat de selectie vanaf 24 juni op 'camping-trainingskamp'. Oranje komt dan een week bij elkaar op een camping in Vroomshoop en maakt daar de nodige trainingsuren. Drie weken later, op 13 juli, speelt Nederland zijn eerste wedstrijd op de mondiale titelstrijd. De formatie van Metz is in dezelfde groep ingedeeld als Venezuela, Japan en - wederom - Rusland.