DUSSELDORF - De Nederlandse judoploeg beleefde afgelopen weekeinde een teleurstellend Europees kampioenschap in Düsseldorf. De selectie behaalde weliswaar drie medailles (twee zilver/een brons), maar veel favorieten gingen hard onderuit. Moeten de judoka's zich zorgen maken voor de Olympische Spelen van volgend jaar in Athene? "Dit EK was een test die duidelijk maakt dat we er nog lang niet zijn", zegt bondscoach Chris de Korte.

Exact een jaar geleden vierden de Nederlanders nog uitbundig feest in Maribor. Bij de Europese titelstrijd In de Sloveense stad veroverden ze acht medailles, waarbij de broers Elco en Dennis van der Geest goud pakten. Nu de internationale top zich serieuzer gaat voorbereiden op de Spelen, blijkt eremetaal heel wat lastiger te bereiken. Hetzelfde scenario deed zich voor in de aanloop naar Sydney: bij het EK 1998 haalde Nederland acht judoplakken, een jaar later drie.

DE Korte

De 65-jarige kampioenenmaker De Korte is er niet door van zijn stuk, daarvoor loopt hij te lang mee. "Een beginnend coach zou in paniek raken, maar ik heb dit al dertig keer gezien", vertelt hij. Er is wel 'veel werk aan de winkel', vindt de trainer die in het verleden Angelique Seriese (1988, demonstratietoernooi) en Mark Huizinga (2000) naar olympisch goud leidde.

Huizinga, Bosch, Van der Geest

Over de toppers bestaat weinig twijfel. Huizinga, Edith Bosch, de broers Dennis en Elco van der Geest en Deborah Gravenstijn trekken al jaren de kar. Op hen is volgend jaar in Griekenland de hoop gevestigd. "Vijf of zes mensen zouden het kunnen doen. Maar het is wel de vraag of zij het ook wíllen doen", stelt De Korte. "Individueel moet er nog het een en ander gebeuren. Of dat goed komt? Het ligt eraan hoeveel pijn ze willen lijden."

Over de generatie die na de gevestigde orde komt, heeft De Korte meer twijfels. Nieuwe kampioenen dienen zich niet aan. De coach uit Hoogvliet wil liever geen namen noemen, maar laat wel duidelijk merken dat de ontwikkeling van enkele talenten hem tegenvalt. "Sommige judoka's moeten er een schepje bovenop doen, anderen moeten we misschien de volgende keer niet meenemen", klinkt het dreigend. "We gaan dit EK de komende weken evalueren en met ieder persoonlijk bespreken."

Niet alarmerend

De Korte wil niet negatief zijn, wel duidelijk. "Het is niet alarmerend. Als iedereen hier goud wint, leren we niets. Het is zaak om mensen snel op het goede spoor te zetten." Volgens de persoonlijk begeleider van Huizinga en Bosch moeten de jongere judoka's keuzes maken. "Dat is in Nederland moeilijk, want we hebben alles. Maar de nieuwe mensen moeten hard gaan werken. Sommigen zijn zo druk met zichzelf bezig, dat ze vergeten dat er nog een ander op de mat staat."

Volgens de coach wordt wel onderschat hoe moeilijk het is om de judotop te halen. "Er staat hier in Düsseldorf zo veel geweld op de mat. Judo is een zeer internationale sport. In mijn tijd deden er acht landen mee aan een EK, nu vijftig. Op een WK is dat nog breder. Ook judoka's uit Angola en Tunesië gaan tegenwoordig op trainingskamp naar Japan."