DEN HAAG - Betaald voetbalorganisaties zouden om te beginnen eens flink moeten snoeien in de spelerssalarissen. Daar kan best de helft of driekwart vanaf, vindt het CDA-Tweede Kamerlid Atsma. Die salarissen zijn namelijk de molensteen die een rendabele exploitatie van voetbalclubs onmogelijk maken.

Atsma vindt dat gemeenten zeer terughoudend moeten zijn met steun aan betaald voetbalorganisaties, ook al gebeurt dit door middel van leningen. Hij keurt de plannen af die Utrecht en Arnhem hebben om de lokale clubs FC Utrecht en Vitesse te redden.

Zolang niet duidelijk is wat de Europese Commissie hiervan vindt, moeten de gemeenten er maar niet aan beginnen. "Ze lopen het risico dat het geld terug moet en dat er nog een boete bovenop komt", aldus het Kamerlid. Dat risico is reeël, meent hij. "Anders zou er ook niet zoveel discussie over zijn."

Discussie

Atsma vindt dat de spelerssalarissen ter discussie moeten komen, net zoals dat nu gebeurt met de inkomens van topmanagers in het bedrijfsleven. "Zolang er spelers rondlopen die net zoveel verdienen als alle ministers en staatssecretarissen bij elkaar, is de exploitatie niet gezond te krijgen. Dat lukt alleen als de salarissen met 50 of 75 procent worden teruggebracht."