AMSTERDAM - Jan Tops werd met Grande Dame zaterdagavond laat tweede in de wereldbekerwedstrijd van Jumping Amsterdam. Op de vraag of de geroutineerde springruiter het erg vervelend vond dat hij de Amerikaanse Lesie Howard had moeten laten voorgaan antwoordde hij ontkennend. "Absoluut niet."

De eigenaar van een spring- en handelsstal in Valkenswaard denkt niet aan de korte termijn. "Ik heb een vast programma, werk toe naar een bepaald doel. Dat is het paard steeds beter laten worden en constant presteren. Wekelijks boven in de klassementen meedraaien zegt me veel meer dan af en toe een uitschieter die de hoofdprijs oplevert."

Twee jaar berijdt Tops nu Grande Dame. Hij leidde het inmiddels negenjarige dier persoonlijk op van het landelijke niveau tot de internationale top. Volgend jaar moet Grande Dame goed genoeg zijn voor de wereldruiterspelen te Jerez. In 2004 ziet hij de merrie als zijn troef op de Olympische Spelen van Athene.

"Kijk maar naar de paarden die ik de afgelopen twintig jaar op grote wedstrijden heb uitgebracht", zegt Tops. "De meesten hebben zo'n tien jaar in de grote rubrieken gelopen. Dat kan alleen als men uiterst voorzichtig is."

Bij het EK eerder dit jaar op Papendal trok hij bijvoorbeeld na het eerste onderdeel Roofs terug. Hij nam ondanks de grote belangen geen risico met het licht geblesseerde dier.

Tops: "Ik heb vanavond in Amsterdam geen poging gedaan sneller te rijden. Elke beweging die Grande Dame maakte was doordacht. Dat trekken en sleuren is niets voor mij. Er zijn al genoeg van die kamikaze ruiters. Zo heeft het paard er zelf ook plezier in. Er is niets geforceerd. Na de proef wist het dier niet eens dat het had gesprongen."

Tops is inmiddels met afstand Nederlands beste ruiter in de tussenstand van de wereldbeker, die in het voorjaar in Leipzig zijn finale gaat beleven. In de Duitse stad wil de Nederlander, ooit eens vierde in de eindstrijd, van de partij zijn. De komende maanden geeft hij Grande Dame rust. Waarschijnlijk is het volgende concours hippique pas weer in februari.

Van de achttien starters in de kwalificatie-wedstrijd in Amsterdam was er naast Tops nog slechts één Nederlander bij de top-tien. Dat was Gert Jan Bruggink, de huidige Europees kampioen bij de Young Riders. De Twent werd negende. Weliswaar werd Jos Lansink derde, maar die rijdt sinds ongeveer een jaar voor België. De ruiter van Zangersheide toonde wel aan met Zandor Z weer bij de top de behoren.

Al een jaar of twintig is Tops (40) één van Nederlands toonaangevende ruiters. In 1981 veroverde hij Europees goud bij de Young Riders, in 1991 (EK) en 1992 (Olympische Spelen) was er teamgoud bij de grootste evenementen. "Of ik weleens aan stoppen denk? Nee. Daarvoor gaat het op dit moment veel te goed."

Alleen de eerste drie (van de negen kandidaten voor de barrage) bleven foutloos. De tijd van Leslie Howard was daarbij met Priobert zo'n vijf seconden sneller dan die van de (ex-)Nederlanders. "Mijn paard kan gewoon alles", verklaarde ze. "Naast een enorm springvermogen heeft het ook nog veel tempo in huis. Een feest om te berijden."

Meer dan de doorsnee ruiter is de Amerikaanse instructrice van orgine, waar de concurrentie toch vaak full-time in de wedstrijdsport zit. Jaarlijks verblijft ze voor twee langere periodes in Europa, om aan wedstrijden deel te nemen ("Hier gebeurt het allemaal") en om te zoeken naar goede paarden voor haar cliëntèle thuis. Vooral het eerste gebeurt niet zonder succes. Twee weken geleden won ze ook al een groot concours in Maastricht.