AMSTERDAM - De Nederlandse profvoetballer heeft weinig te klagen over de fiscus. Alleen in Groot-Brittannië is het belastingklimaat voor de spelers gunstiger.

Het accountants- en adviesbureau Ernst & Young kwam tot deze conclusie, na in twaalf landen een onderzoek te hebben gedaan. De rapportage werd verricht in samenwerking met FIFPro, de internationale vakbond voor spelers.

Nederlandse spelers kunnen een groot deel van hun inkomen onbelast reserveren in een spelersfonds. Bij het onderzoek werd gekeken naar de belastingdruk en de eventueel bijzondere fiscale voordelen. De resultaten zijn dit weekeinde officieel op het congres van de FIFPro in Parijs gepresenteerd.

Volgens de onderzoekers krijgt de Nederlandse maatregel navolging. Spanje en Denemarken, evenals Italië zeer laag scorend op de 'ranglijst' van Ernst & Young, zijn van plan een vergelijkbaar systeem in te voeren. In Noorwegen is dat al gebeurd.

Bij de hoog scorende landen - na Groot-Brittannië en Nederland volgen Japan, België en Duitsland - is er aandacht voor de bijzondere rechtspositie van de topsporter. De in dit opzicht mindere landen beschouwen sporters als 'normale' werknemers, met dezelfde fiscale verplichtingen en pensioenrechten.