AMSTERDAM - Jaarlijks breken ruim 1100 voetballers in Nederland hun onderbeen tijdens een wedstrijd of training. Het gaat dan meestal om een scheenbeenbreuk. In totaal belandden meer dan 46.000 voetballers per jaar op de spoedeisende hulp.

Veldvoetbal is met dat aantal de grootste veroorzaker van sportblessures. Dat heeft Consument en Veiligheid woensdag laten weten.

Voetballers in de leeftijd van 18 tot 35 jaar gaven in het onderzoek van Consument en Veiligheid aan niet altijd scheenbeenbeschermers te dragen tijdens wedstrijden (4 procent). Tijdens trainingen loopt dat percentage zelfs op tot 46 procent.

Verplicht

Het dragen van scheenbescherming is tijdens wedstrijden verplicht. Voetbalbond KNVB doet ook de aanbeveling tijdens trainingen bescherming te dragen. "Uiteraard is een goede uitrusting voor een voetballer noodzakelijk.

Scheenbeschermers worden niet voor niets verplicht gesteld. Het risico op botbreuken wordt door het dragen van scheenbeschermers verkleind, maar neemt het niet voor 100 procent weg", aldus een woordvoerder van de KNVB.

Consument en Veiligheid deed het onderzoek naar aanleiding van de scheenbeenbreuk van Ajacied Edgar Davids. Hij droeg geen bescherming tijdens een oefenwedstrijd.