BELGRADO - Edith Bosch heeft zaterdag bij de EK judo in Belgrado brons gepakt. In de strijd om de derde plaats in de klasse tot 70 kg won de wereldkampioene uit Nederland van de Belgische Catherine Jacques.

Voor Bosch, die al twee keer de Europese titel veroverde, was brons een meevaller. Door een forse elleboogblessure was ze lange tijd uit de roulatie. Het was bovendien de eerste medaille voor Nederland op het EK in Servië.

Blij

Waarschijnlijk voor het eerst in haar loopbaan was Edith Bosch blij met brons. De geboren 'winner' was ver teruggeworpen, na bijna een jaar te hebben gesukkeld met een zware elleboogblessure. "Hier heb ik bewezen dat ik er weer bij hoor."

Een positie bij de eerste vijf had ze zich als doel gesteld. Ze wilde na een periode van tegenslag niet gefrustreerd terugkomen als het geen goud zou worden. Natuurlijk had ze onvrede met de nederlaag in de halve finale, tegen Gévrise Emane uit Frankrijk. "Desondanks ben ik zeer tevreden. Ik ben op de weg terug."

Achteraf zegt Bosch dat de blessure haar goed uitkwam. Voorafgaand aan de EK van vorig jaar sprak ze de wens uit dat ze maar eens een tijdje uit de roulatie moest zijn. Dat kwam prompt uit. Bij de titelstrijd in Tampere viel een Spaanse tegenstandster met het volle gewicht op de arm van Bosch. Daar scheurde een pees in de elleboog volledig af.

Knokken

"Ik heb terug moeten knokken", zei ze in Belgrado. "In die periode is het besef weer tot me doorgedrongen hoe leuk judo is. Ik was eerlijk gezegd de motivatie een beetje kwijt. Als je alles wint gaat op een gegeven moment de gedachte leven dat alles wat jij doet de norm is. Nu weet ik ook weer dat verliezen er bij hoort. Ik weet weer waarom ik het doe."

Bosch won al veel. Twee keer werd ze Europees kampioene, één keer wereldkampioene (Cairo/2005). Bovendien was er zilver bij de Olympische Spelen van Athene. In Peking 2008 wil ze goud, dat moge duidelijk zijn. "Natuurlijk is dat het doel. Maar ik wil me er niet blind op staren. Er zijn meer mooie dingen te winnen. Over een half jaar is het WK in Rio. Daar wil ik mijn titel verdedigen."

Fit

Fysiek en conditioneel doorstond ze de wedstrijden in de Servische hoofdstad zonder problemen. "Uiteraard waren er momenten dat ik bang was voor die arm. Gelukkig is alles goed gegaan. Ik wist dat ik volledig fit was, maar hier heb ik de bevestiging gekregen die ik nodig had. Dat is een mooie basis om aan de volgende stappen te gaan werken."

Elmont

Guillaume Elmont heeft zaterdag ook de bronzen medaille veroverd in de klasse tot 81 kg. In de strijd om de derde plaats won de regerend wereldkampioen, judoënd met een blessure, van de Duitser Ole Bischof. Ook op het vorige EK, in 2006 in Tampere, veroverde Elmont brons.

Vier partijen lang verbeet Elmont (-81) de pijn van een zware nekblessure. Toen hij na de verloren halve finale alsnog wilde stoppen, haalde broer Dex hem over toch nog voor de derde plek te gaan.

Robocop

Maandag op de training liep Elmont het kwetsuur op bij een partijtje sparren met Henk Grol. "Twee dagen kon ik me amper bewegen. Ik voelde me Robocop", zei hij in de Arena Hal van de Servische hoofdstad. "Vanochtend ging het iets beter. Daarom besloot ik het te proberen."

Evenals op het vorige EK werd Elmont derde. Maar op zich ging de regerend wereldkampioen en tweevoudig winnaar van het Super A-toernooi van Parijs voor meer. "Dat ik de finale niet heb gehaald blijft jammer. Ik wil mijn blessure niet aanvoeren als excuus voor de verloren halve eindstrijd. Aan dat gezeur heb ik een hekel."

Klasse

Voor bondscoach Maarten Arens was het brons van Elmont desondanks een prestatie van wereldformaat. "Onder deze omstandigheden zo voor de dag komen vind ik absolute klasse. Hij kon zich echt amper bewegen. Eens te meer heeft Guillaume bewezen bij de besten te behoren. Met deze derde plek ben ik heel blij."

Wel had Elmont zijn taktiek aangepast. Pas in de partij om het brons maakte hij zijn eerste score, een yuko. De eerste drie partijen won hij met minimaal verschil, door een straf van zijn tegenstander. "Ook dat is judo. Gezien de beperkingen die ik had, moest ik van de nood een deugd maken. Ik zorgde dat ik steeds iets meer deed dan mijn tegenstander. Maar een fraaie aanval zat er inderdaad niet in."