De Indiase hockeyfederatie heeft publieke excuses geëist van de Belgische hockeybond (KBHB) na de geuite kritiek op de FIH Hockey Stars Awards en de "vernederende commentaren op de Indiase atleten en coaches".

Vorige week gingen alle prijzen bij de mannen en vrouwen naar India, hoewel op de afgelopen Olympische Spelen de Indiase mannen 'slechts' brons wonnen en de Indiase vrouwen vierde werden. De Belgische mannen bleven bij de uitreiking met lege handen achter, terwijl ze olympisch kampioen werden in Tokio.

De Belgische bond verklaarde daarop "erg teleurgesteld te zijn" en drong aan op veranderingen in de stemprocedure. "Een goud winnend team met verschillende genomineerden in elke categorie maar dat geen enkele award wint, bewijst het falen van het verkiezingssysteem", zo klonk het.

Op de sociale media uitten ook verschillende 'Red Lions' hun kritiek. "Dit is niet normaal. De geloofwaardigheid en het imago van onze sport beleven opnieuw moeilijke tijden", twitterde het officiële account van de Belgische hockeymannen.

De internationale hockeyfederatie FIH kondigde naderhand aan dat ze gaat analyseren of de jaarlijkse verkiezing van de beste spelers en coaches in de toekomst anders moet.

Sjoerd Marijne werd als bondscoach van India uitgeroepen tot Coach van het Jaar.

Sjoerd Marijne werd als bondscoach van India uitgeroepen tot Coach van het Jaar.
Sjoerd Marijne werd als bondscoach van India uitgeroepen tot Coach van het Jaar.
Foto: ANP

'Vernederende commentaren'

De Indiase hockeybond eist nu publieke excuses van de Belgische bond voor "de vernederende commentaren op de prestaties van de Indiase atleten en coaches op sociale media", staat in de brief die in Indiase media wordt aangehaald.

Komen die verontschuldigingen niet, dan wil voorzitter Gyanendro Ningombam dat het FIH Governance Panel "grondig onderzoek doet naar discriminatie tegen Indiase atleten en coaches".

De winnaars van de awards werden bepaald door de stemmen van de nationale federaties (aanvoerders en coaches, 50 procent), fans en spelers (25 procent) en de media (25 procent) bij elkaar op te tellen.