De KNGU heeft dinsdag beroep aangetekend tegen de uitspraak dat turncoach Vincent Wevers toch naar de Olympische Spelen mag. De gymnastiekunie vindt dat Wevers niet als lid van het coachteam naar Tokio mag afreizen.

Wevers behoort tot de coaches naar wie bij het Instituut Sportrechtspraak (ISR) een onderzoek naar ongewenst en grensoverschrijdend gedrag loopt. Begin april maakte de KNGU bekend dat de turnsters tijdens de Spelen van Tokio niet door hun persoonlijke coaches begeleid mogen worden.

Wevers, die zijn dochters Sanne en Lieke Wevers coacht en ook de trainer van Vera van Pol en Naomi Visser is, spande een kort geding aan tegen de KNGU. Daarin eiste hij dat de bond hem als coach meeneemt naar de Spelen. Wevers kreeg vrijdag gelijk en mag dus toch afreizen naar Tokio. Volgens de voorzieningenrechter heeft de KNGU onvoldoende kunnen onderbouwen dat er zwaarwegende redenen zouden zijn om Wevers thuis te laten.

De KNGU is het niet eens met die beslissing en tekent daarom beroep aan. De mondelinge behandeling vindt maandag plaats. "De afweging om Vincent Wevers niet voor te dragen, ligt veel breder dan de individuele arbeidsrelatie", zo laat KNGU-directeur Marieke van der Plas dinsdag weten in een verklaring.

"We hebben ervoor gekozen om de crisis waar de turnsport in verkeert en de onrust die dit op breed vlak veroorzaakt zoveel mogelijk buiten het team te houden. We willen graag dat het hof de uitspraak in het kort geding toetst, omdat deze wat de KNGU betreft op meerdere punten niet juist is. Dat maakt een hoger beroep voor de KNGU noodzakelijk."

De openingsceremonie van de Spelen is op 23 juli. De turnsters beginnen een dag later aan de kwalificaties. Sanne Wevers hoopt in Tokio haar olympische titel op de balk te prolongeren.