De Nederlandse waterpoloërs hebben zondag hun eerste wedstrijd op het olympisch kwalificatietoernooi (OKT) in Rotterdam gewonnen. De ploeg van bondscoach Harry van der Meer versloeg Duitsland vooral dankzij een sterke eerste helft met 11-10.

Jorn Muller was de topscorer aan de kant van Nederland met vier doelpunten. Kjeld Veenhuis was goed voor drie treffers.

Nederland begon heel scherp en stond halverwege op een 8-4-voorsprong, maar verspeelde de zege nog bijna in het tweede deel. Bij 10-9 en met een man meer in het water vroeg Van der Meer een time-out aan. Hij besloot een variant te spelen, waaruit Thomas Lucas scoorde en de beslissing forceerde.

"Hier hoopten we op", zei Van der Meer. "We moeten een huis bouwen en het eerste steentje is gelegd. Dat huis is Tokio. We gaan de komende dagen zien hoeveel steentjes we kunnen neerleggen. Duitsland was een directe tegenstander. Als we iets willen bereiken, moeten we winnen van zulke landen."

Extra beladen duel voor Winkelhorst

Voor Jorn Winkelhorst was het duel extra beladen. De midvoor overwoog vorig jaar nog even om zich tot Duitser te naturaliseren, maar kwam daar al snel op terug. Na een paar stevige gesprekken met Van der Meer en de Nederlandse selectie keerde hij onlangs terug bij Oranje.

"Ik leefde zo erg naar deze wedstrijd toe, ik had er zóveel zin in", vertelde Winkelhorst. "Ik stond gewoon te shaken op mijn benen. Als we door willen gaan, moesten we deze wedstrijd winnen. Dat hebben we gedaan."

Nederland neemt het maandag op tegen Kroatië, op papier de sterkste tegenstander in groep B. De manschappen van Van der Meer speelt daarin ook tegen Roemenië, Frankrijk en Rusland. De top vier van de poule plaatst zich voor de kwartfinales.

Op het OKT in Rotterdam worden de resterende drie startbewijzen voor de Olympische Spelen van komende zomer in Tokio verdeeld. De Nederlandse mannen deden in 2000 voor het laatst mee aan het belangrijkste en grootste sportevenement ter wereld.