De Nederlandse judoka's hebben dinsdag hun trainingskamp in het Oostenrijkse Mittersill moeten afbreken. De autoriteiten vinden het niet meer verantwoord om de trainingsstage door te laten gaan, omdat er in de buurt meerdere skileraren positief zijn getest op het coronavirus.

"De skileraren hadden zich niet helemaal aan de bubbel gehouden", zegt coördinator topsport Pascal Bakker van de Nederlandse judobond. "Voor de publieke opinie vonden de autoriteiten het beter om in de regio alles af te blazen. Vervelend, omdat we nu voor niets een reis van 1.000 kilometer hebben gemaakt."

De Nederlandse ploeg in Mittersill bestond uit zo'n veertig judoka's en begeleiders. Onder anderen Roy Meyer, Juul Franssen, Sanne Vermeer en Tornike Tsjakadoea zijn vorig weekend met busjes en auto's naar Oostenrijk gereden.

Kim Polling, Henk Grol, Frank de Wit en Michael Korrel besloten af te zien van de internationale stage, waar normaal gesproken zo'n duizend judoka's vanuit de hele wereld aan meedoen. Onder de Nederlandse judoka's, die zowel voor vertrek als bij aankomst in Oostenrijk waren getest, zijn geen positieve gevallen bekend.

De Oranje-equipe rijdt dinsdag terug naar huis. De meeste judoka's hervatten later deze week de training op sportcomplex Papendal. Ze bereiden zich voor op de Grand Slam in Tel Aviv van half februari, een van de drie meetmomenten voor de verdeling van de olympische tickets.

Het eerste meetmoment was twee weken geleden de World Masters in Doha. Het derde en laatste belangrijke toernooi met het oog op olympische kwalificatie is het EK, dat van 16 tot en met 18 april in Lissabon wordt gehouden.