Christian Coleman heeft zaterdag op de WK atletiek overtuigend goud gepakt op de 100 meter. De 23-jarige Amerikaan won het koningsnummer in Doha in 9,76.

Coleman was daarmee dertien honderdsten sneller dan zijn landgenoot en titelverdediger Justin Gatlin. Het brons ging naar Andre de Grasse uit Canada in 9,90.

Met 9,76 liep Coleman niet alleen een persoonlijk record, maar ook de beste tijd van het seizoen. In de halve finale was hij met 9,88 al de enige die onder de tien seconden dook, net als in de series (9,98).

In de finale maakte de sprinter uit Atlanta zijn favorietenrol overtuigend waar. Twee jaar geleden op de WK in Londen moest hij nog genoegen moeten nemen met zilver achter Gatlin, deze keer waren de rollen omgekeerd.

Met zijn tijd van 9,76 zat Coleman een kleine twee tienden boven het wereldrecord (9,58) dat Usain Bolt op de WK van 2009 liep in Berlijn. De sprintlegende uit Jamaica zette na de wereldkampioenschappen van twee jaar geleden, waar hij brons pakte op de 100 meter, een punt achter zijn carrière.

Christian Coleman pronkt met de Amerikaanse vlag na zijn winst op de 100 meter. (Foto: ANP)

Deelname lang onzeker door dopingzaak

Voor Coleman was het lange tijd onzeker of hij wel mee zou mogen doen aan de WK in Doha. De sprinter hing een straf boven het hoofd omdat hij binnen een jaar drie dopingcontroles zou hebben gemist.

De zaak tegen Coleman werd uiteindelijk ingetrokken omdat het Amerikaanse antidopingagentschap WADA niet op de juiste manier naar de data had gekeken.

Er werd aanvankelijk van uitgegaan dat Coleman op 6 juni 2018 zijn eerste test zou hebben gemist, maar later bleek dat hij op 1 april 2018 voor het eerst de fout in is gegaan.

Aangezien zijn derde gemiste test plaatsvond op 26 april van dit jaar, bleek de sprinter officieel niet drie keer binnen twaalf maanden in de fout te zijn gegaan. Daardoor kreeg hij alsnog groen licht om naar Qatar af te reizen.