De Nederlandse waterpolosters hebben zich vrijdag geplaatst voor de halve finales van de superfinale van de World League. De ploeg van bondscoach Arno Havenga rekende bij de laatste acht in Boedapest af met gastland Hongarije: 12-10.

Oranje maakte in de tweede periode het verschil en nam een 6-3-voorsprong. In de laatste periode kwam Hongarije nog terug tot 9-8, maar Nomi Stomphorst, Iris Wolves en Bente Rogge stelden de winst vervolgens veilig.

Maud Megens was met drie treffers topscorer aan Nederlandse zijde. Wolves, Rogge en Vivian Sevenich scoorden ieder twee keer.

De Europees kampioen boekte de derde overwinning tijdens de superfinale. In de groepsfase werd gewonnen van China (15-7) en Australië (8-7) en verloren van Italië (8-7).

"Dit was verreweg onze beste wedstrijd van dit toernooi hier", stelde Havenga. "Er zijn nog steeds wel wat foutjes, dus er zit zeker nog rek in. De halve finale spelen we tegen de Verenigde Staten, het team dat het toernooi hier domineert."

Oranje treft VS in halve eindstrijd

In de halve eindstrijd neemt Nederland het zaterdag op tegen de Verenigde Staten, die China met 21-6 verpulverden. De andere halve finale gaat tussen Italië en Rusland.

De waterpolosters strijden in Boedapest om een ticket voor de Olympische Spelen van 2020 in Tokio. Alleen de winnaar van de superfinale van de World League plaatst zich voor dat toernooi.

Op het WK dat volgende maand in China wordt gespeeld, is eveneens een olympisch ticket te verdienen.